Non-conformist houdt van biertje

Met zijn 34 jaar haalt Marnix Leijten de gemiddelde leeftijd van de leden van het Hof van Arbitrage van de Internationale Kamer van Koophandel (ICC), fors naar beneden. “De meeste zijn tegen de zestig jaar oud“, zegt Leijten. Hij is partner bij het advocatenkantoor De Brauw Blackstone Westbroek en vorige maand voor drie jaar benoemd als lid van het Hof van de ICC, als enige Nederlander.

Portret van Marnix Lijten van advocatenkantoor De Brauw Blackstone Westbroek. Door Jonathan Vos Vos, Jonathan

De ICC is de overkoepelende organisatie waar wereldwijd 104 nationale Kamers van Koophandel bij aangesloten zijn. Daarmee is het de grootste vertegenwoordiger van het bedrijfsleven. Per land mag één lid benoemd worden bij het Hof.

Een van de belangrijkste taken van het ICC is de arbitrage en dat is het terrein van het Hof. Sinds de wereldhandel globaliseert en nationale economieën nauwer verweven raken, stappen partijen meer naar het Hof, wanneer zij hun privaatrechtelijke conflicten willen laten beslechten, dan naar de nationale rechter. Die partijen kunnen bedrijven zijn die zaken doen met ondernemingen uit een ander land. Maar in ruim één op de tien gevallen gaat het om conflicten tussen een onderneming en een (semi-)overheid.

De laatste jaren krijgt het Hof ruim 500 verzoeken om arbitrage. Het Hof benoemt dan arbiters en toetst of de beslissingen van die arbiters voldoen aan de regels van de ICC en of ze verenigbaar zijn met het arbitragerecht. Leijten mag niets over concrete zaken zeggen, maar het gaat bijvoorbeeld om grote overname- en energiecontracten.

“Soms zijn daar belangen van miljarden euro's mee gemoeid“, zegt Leijten die bij zijn eigen advocatenkantoor een arbitrage- en algemene procespraktijk heeft en houdt. Voor de grotere zaken komt het Hof van arbitrage bij elkaar in plenaire zitting. Vaak is dat in Parijs, waar de ICC zetelt, met uitzicht op de Eiffeltoren. Leijten rekent erop dat hij daar minstens één keer per maand te vinden zal zijn.

Wordt dat harder werken of minder tijd voor zijn eigen praktijk? “Van allebei een beetje“, zegt Leijten, die twee jaar geleden vader is geworden van zijn tweelingdochters Saar en Noor en ook nog zo'n zeventig uur per week werkt.

Toch ziet Mark Biesheuvel, zijn baas bij De Brauw, hem regelmatig achter de kinderwagen lopen. Biesheuvel juicht het toe dat zijn jonge kantoorgenoot is benoemd bij het Hof: “Ons kantoor profiteert daar ook van.“ Hij ziet hem als een representant van de nieuwe generatie internationaal opgeleide advocaten.

Leijten heeft in Leiden, in Oxford en Parijs gestudeerd en in New York gewerkt bij het advocatenkantoor Cravath, Swaine & Moore LLP. “Hij mag dan briljant zijn maar hij houdt van een biertje, is een voetbalfan van Willem II en weigert soms zich te conformeren“, vertelt zijn jeugdvriend Joris Struycken. Hij herinnert zich een avond in New York, vijf jaar geleden. “We gingen naar zo'n hippe tent, met kunstenaars en andere artiesten, een speciaal sfeertje. Alleen al door onze kleren vielen we uit de toon. We werden vanaf het begin weggekeken en daar hadden we geen zin in. Van het een kwam het ander en dat leidde ertoe dat we in onze kraag werden gegrepen en naar buiten werden gegooid.“

Leijten is in Leiden lid geweest van het corps, maar Biesheuvel en Struycken zeggen dat hij niet het type was en is dat met biervlekken op zijn jasje thuiskomt. “Hij heeft heel veel talenten“, zegt Struycken die bij de investeringsmaatschappij Alpinvest werkt, “maar auto's, die kan hij niet verkopen. Marnix heeft niet veel met dat soort commercie.“

Leijten komt uit een gezin waar maatschappelijke betrokkenheid belangrijk is. Zijn vader is neuroloog en zijn moeder - ook jurist - speelde, als vice-voorzitter van de KVP, een belangrijke rol bij de totstandkoming van het CDA. Zij was ook lid van de Raad van State. Rein Willems, die als president-directeur van Shell Nederland met hem te maken heeft, voorspelt hem een grote toekomst, die ook in de publieke sector kan liggen: “Marnix heeft nu al het scherpe juridisch analytische vermogen van Donner.“

Leijten: “Nou, nou.“