Skibril

Een intrigerend artikel, in de olympische bijlage van Dagblad de Limburger op 7 februari. 'Toevallig beland op Olympus', stond er boven. De kop dekte de lading.

Snowboardster Cheryl Maas houdt niet van sport, althans niet van georganiseerde sport. Ze leeft liever vrij en blij en verhuurt zich aan filmproducenten die blije films maken over vrije boarders die in opdracht hun kunsten en kunstjes reproduceren. Ze doet liever haar 'eigen ding', en staat intussen vermeld op de aftiteling van een stuk of acht rolprenten. Ze zegt dat ze van het snowboarden kan leven, en dat ze er tijdens haar omzwervingen rond de wereld achter is gekomen dat geen twee culturen hetzelfde zijn, en dat ze het liefst vertoeft in Nieuw-Zeeland omdat de sfeer daar pas echt relaxed is.

Cheryl Maas doet leuke dingen. Ze doet relaxte dingen. Dingen waar u en ik ogenblikkelijk voor zouden tekenen. Ze heeft piercings, drinkt bier wanneer het haar uitkomt, en verft haar haar in de kleuren die haar uitkomen. Ze is de metamorfose in een fikse versnelling.

Haar natuurlijke minachting betreft de 'serieuze' boarders, de wedstrijdboarders, zij die beter willen zijn dan de anderen. Beter willen zijn dan de anderen heeft volgens haar niks met leven te maken. Het is zielig. 'Laat ik heel eerlijk zijn, de Spelen zijn mijn ding niet', zegt ze. De Spelen zijn niets meer dan een experiment voor haar, bedoelt ze. Zo is ze er ingestapt. Ze kwalificeerde zich meteen voor de halfpipe.

Halfpipe is mijn ding niet. Zonder het artikel in De Limburger had ik het niet in mijn hoofd gehaald een paar uur voor de televisie door te brengen. Halfpipe (als ding) is pervers in zijn kunstmatigheid. Het lag daar uitgestrekt als de dwarsdoorsnede van een lichaamsopening. In plaats van met slijmvlies was de wand bekleed met sneeuw. Beurtelings bewogen zich acrobatische toeren uithalende mensen (in dit geval vrouwen) op snowboards door de gehalveerde tunnel.

Ik begreep dat je de meeste punten kon halen als je op snelheid hoog boven de randen uit steeg om daar ingewikkelde maar gekwalificeerde draaiingen te produceren die luisteren naar namen als nine hundred en BS Air.

De kleding was trendy, tegendraads wijd (het kruis hing op de knieën), waardoor de deelnemende vrouwen eruit zagen als taaitaaipoppen. De skibril bleek een dusdanig substantieel onderdeel van het snowboardwezen dat hij zelfs niet werd afgezet als de kandidaten wachtten op de jurybeoordeling. Wat van de gezichten overbleef waren lippen, altijd lachende lippen, ook al was er qua prestatie geen enkele reden voor een lach. Je zou bijna geloven dat de snowboardwijfjes de Coubertins 'deelnemen is belangrijker dan winnen' in ere herstelden.

Cheryl Maas landde in de finale een paar keer 'op de lip' van de pijp. Ze zat er niet mee. Ze verlangde naar een wereld waar bier belangrijker is dan de lach.