Rodekool van een begijn

Nodig:500 g gesneden rode kool2 eetl. ganzenvet1/2 fles rode wijnscheut wijnazijnscheut crème de cassis5 kruidnagel1 kaneelstokjezout en peper

Opeens ligt er een déjá vu op de tong. Iets heeft de smaak van het verleden. Soms is dat een aangename verrassing. Soms ook niet. Nooit meer wil ik de naar een muf bejaardentehuis ruikende soep met grijze vetlaag van mijn grootmoeder eten. Maar de ouderwetse hachee van één generatie jonger, die op een petroleumstelletje werd bereid, is wel degelijk erg lekker. Bij een begijntje dat op een hofje woont, at ik rode kool zoals ik mij die van vroeger, de tijd van de wederopbouw in de vorige eeuw, herinner. De voor mij enige echte rodekool-smaak bleek trouwens tot stand gekomen met moderne fratsen die volgens mij ruim vijftig jaar geleden onbekend en ongebruikelijk waren. Laat ze maar schuiven, die begijnen van tegenwoordig. Bereiding: smelt het ganzenvet - verkrijgbaar bij de poelier - in een braadpan. Laat het vet niet bruin worden. Schep de dun geschaafde rodekool in de pan en roer goed om, zodat alle sliertjes voorzien zijn van een glanzend vetlaagje. Leg de kruidnagels en het kaneelstokje op de kool. Strooi er zout en versgemalen peper op. Giet nu zoveel, uiteraard goede rode wijn, in de pan dat de kool onder staat. Rodekool in water gekookt verliest z'n mooie kleur. Roer nu een scheut wijnazijn en een niet te zuinige scheut crème de cassis (likeur van zwarte bessen) door de kool. Het hoeft geen Franse crème de cassis te zijn. Er is ook Zeeuwse zwartebessenlikeur te koop. Sluit de pan. Laat de rode kool op een laag vuur zachtjes gaar stoven. Dat duurt ongeveer een half uur. Langer stoven mag ook. Onthaasting komt de smaak ten goede. Schep de kool tijdens het gaar stoven af en toe om en controleer of er nog genoeg kookvocht in de pan zit en er niets aanbrandt. Voeg eventueel nog wat wijn toe. Bij de rodekool werd op het hof een krokant en rosé gebakken eendenborst geserveerd.

Anne Scheepmaker

Morgen: pompoenkerrie