Aangepaste Cito-toets kan veel verhelpen 1

In NRC Handelsblad van 7 februari noemt de inspecteur-generaal voor het onderwijs, mevrouw Kervezee (`Slechte leerling verdwijnt uit de statistiek`), het onzin dat niet alle leerlingen deelnemen aan de Cito-eindtoets; ook de zwakke leerlingen moeten naar haar mening deelnemen. Dat die leerlingen niet deelnemen valt echter voor een belangrijk deel te wijten aan een door het ministerie opgelegde regeling voor leerlingen met leerachterstanden. De betreffende leerlingen moeten een ander pakket testen en toetsen maken. Deelname aan de Cito-eindtoets mag en kan zinnig zijn, maar vergroot in veel gevallen alleen maar het toetscircus.

De regeling zelf vormt een aanfluiting van het gebruik van testen en toetsen in het onderwijs. De leerachterstand van leerlingen wordt bepaald op een manier waarvan we al meer dan vijftig jaar weten dat ze ondeugdelijk is. Men springt met IQ-scores om op een manier die men als waanzin kan bestempelen, zoals een bekende samensteller van intelligentietests deed. Als mevrouw Kervezee `het hele zicht` wil en wil voorkomen dat leerlingen gestigmatiseerd worden, zou ze hier wat van moeten zeggen.

Tot nu toe ontbreekt iedere inhoudelijke motivatie van het ministerie over de gekozen opzet en inhoud van de regeling. Een aangepaste Cito-eindtoets, waar ook leerlingen met leerachterstand op een zinnige wijze aan kunnen deelnemen, kan veel verhelpen. Op voorwaarde dat men op verstandige wijze met de resultaten omgaat. Kunnen we daar bij de inspectie gerust op zijn?