Zwanen brengen griepvirus

De gevaarlijke variant van vogelgriep is nu doorgedrongen in het zuiden van Europa. Deskundigen zijn bezorgd, maar nog lang niet in paniek.

Het gevaarlijke vogelgriepvirus H5N1 dringt verder door in Europa. Dit weekend werden in Zuid-Italië en Bulgarije dode wilde knobbelzwanen gevonden die besmet bleken met het virus. Vrijdag dook het virus al op in Griekenland. In Slovenië trof men vorige week ook dode knobbelzwanen aan, die vermoedelijk besmet zijn met H5N1.

De dode zwanen zijn volgens virologe Christianne Bruschke van de Wereldorganisatie voor diergezondheid OIE in Parijs afkomstig van de Balkan. Door de koude zijn de vogels verder naar het zuiden getrokken. Het gaat hier volgens Bruschke om opportunistische vogeltrek. 'Sinds de jaren zeventig is het pas voor de derde keer dat deze zwanen zo zuidelijk als Sicilië komen.'

Dat juist knobbelzwanen bezwijken aan vogelgriep, komt volgens Bruschke door de gevoeligheid van deze soort voor het virus. Maar het wil nog niet zeggen dat knobbelzwanen beschouwd kunnen worden als early warning system voor de aanwezigheid van H5N1 onder wilde vogels. Bruschke: 'Een dode zwaan valt nu eenmaal meer op dan een dode eend. Van eenden is bovendien bekend dat ze het virus bij zich kunnen dragen zonder zelf ziek te worden.'

De besmette zwanen werden aangetroffen in de de golf van Thermaikos ten zuiden van Thessaloniki, aan de Zwarte Zeekust in Bulgarije, op Sicilië en in de regio's Calabrië en Apulië. De autoriteiten hebben veiligheidsmaatregelen afgekondigd. Zo mag er binnen een zone van drie kilometer rond de plek waar de dode zwanen zijn aangetroffen geen pluimvee in de open lucht zijn en is het vervoer beperkt tot een enkele reis naar het slachthuis. Alleen gecontroleerd vlees mag het gebied verlaten. Binnen een zone van 10 kilometer is jacht op vogels verboden.

Specialisten van de Europese Unie komen donderdag en vrijdag bijeen voor beraad over de nieuwe gevallen van de vogelgriep. Overlegd zal worden of er een importverbod komt voor wild gevogelte en veren uit Bulgarije. Op dit moment geldt nog een invoerverbod op de invoer van Bulgaarse pluimveeproducten vanwege uitbraken van de Newcastle-ziekte in dat land. Dat importverbod dreigt echter opgeheven te worden.

Deskundigen gaan ervan uit dat de huidige besmetting van wilde zwanen met H5N1, slechts 'losse gevallen' betreft.

Trekvogels raken steeds meer verdacht

Het echte gevaar voor Europa verwacht men in de komende maanden, als miljoen trekvogels vanuit hun overwinteringsgebieden in Afrika naar het noorden trekken. Vorige week werd bekend dat boerderijen in Nigeria zijn besmet met het H5N1-virus. Dat betekent volgens virologe Bruschke dat vrijwel zeker ook wilde vogels in Afrika besmet zijn. 'Maar we hebben geen idee op welke schaal.'

EU-landen hebben al maatregelen aangekondigd. Nederland, Frankrijk en Duitsland stellen dit voorjaar een ophokplicht voor pluimvee in.

Vogelgriep wordt in de regel pas gevaarlijk voor mensen als de infectie is doorgedrongen tot het pluimvee. Pas dan is er intensief contact tussen de vogels en de mens, en kan het virus overspringen naar een andere gastheer. Dat is tot nu toe bij alle uitbraken onder mensen het geval geweest. Bruschke: 'De menselijke doden door de vogelgriep betreffen altijd gevallen onder mensen die dieren houden en mensen in Vietnam die rauw eendenbloed hadden gedronken.'

De grote vrees is dat het H5N1-virus zich ontwikkelt tot een griepvirus dat van mens tot mens overdraagbaar is. Als dat gebeurt, kan de besmetting uitgroeien tot een wereldwijde epidemie, met miljoenen slachtoffers.

H5N1 brak in 1997 voor het eerst uit in Hongkong en besmette toen ook mensen. Die uitbraak werd in de kiem gesmoord, maar in 2002 dook het virus opnieuw op in Hongkong. Sindsdien maakte het virus een opmars vanuit Zuid-Oost Azië in westelijke richting. Tot dusver zijn er bijna negentig doden gemeld. .

Deskundigen vermoeden dat trekvogels de voornaamste verspreiders zijn van het virus. Vorige week publiceerde een internationaal team van onderzoekers een analyse van de verspreiding in Azië. De onderzoekers verzamelden tussen 2002 en 2005 meer dan 13.000 monsters van trekvogels in de Mai Po-moerassen bij Hongkong en rond het Poyangmeer in Zuidoost-China. In januari en maart 2005 vonden zij zes H5N1-virusstammen in schijnbaar gezonde eenden bij het Poyangmeer. De vogels zaten vlak voor hun voorjaarstrek. Het onderzoek geldt als een sterke aanwijzing dat trekvogels het virus over grote afstand kunnen verspreiden.