Mozart klinkt op twee manieren

Hoe verschillend de 'authentieke' Mozart op dezelfde Lagrassa pianoforte uit 1815, met hetzelfde orkest en onder dezelfde dirigent, kan klinken werd dit weekend duidelijk in het Amsterdamse Muziekgebouw aan 't IJ, waar het Orkest van de Achttiende Eeuw o.l.v. Frans Brüggen een festival brengt rond de late pianoconcerten van de jarige componist.

Door ziekte van Ronald Brautigam mocht de eigenlijk als laatste solist geplande Zuid Afrikaanse pianist Kristian Bezuidenhout het Mozartfestival openen, en dat deed hij op fenomenale wijze. Anders dan gebruikelijk opgesteld in het midden van het orkest, niet naast maar achter de dirigent, domineerde Bezuidenhout de muzikale spirit van de uitvoering met een onstuitbare energie, geestdrift en verbeeldingskracht die de dirigent overbodig maakte.

Na de wat onuitgesproken orkestinleiding van Mozarts Concert voor piano en orkest in G, KV 453, nam Bezuidenhout de fakkel van Brüggen over. Hij speelde Mozart zó puur, zó helder, zó genuanceerd, zó elegant, zó verrassend en zó expressief, dat de rest er eigenlijk niet meer toe deed. Als een gepassioneerde operadirigent riep hij alle karakters in Mozarts muziek tot leven, en zo schudde hij de orkestleden wakker uit hun stilistisch verantwoorde halfslaap.

Iedere noot veranderde in goud, waarbij de Lagrassa - door pianorestaurateur Edwin Beunk liefdevol aangeduid als de 'dikke dame'- begon te zingen als nooit te voren. Recht uit zijn hart vertaalde Bezuidenhout het complete scala aan menselijke emoties in betoverende klanken. Zijn even natuurlijke als stijlvolle Mozartspel was 'authentiek' in de ware zin des woords: waarachtig, helemaal bezeten van Mozart.

Ook tijdens zijn schitterende vertolking van het Concert voor piano en orkest in c KV 491 fonkelde het Mozartspel van Bezuidenhout als een diamant, zo puur en aanstekelijk, dat ook Brüggen en zijn orkest steeds geanimeerder gingen musiceren.

Bij wijze van hemels intermezzo speelden Bezuidenhout en vier blazers uit het orkest met gevleugeld élan nog het Kwintet voor piano, hobo, klarinet en hoorn KV 452, volgens Mozart in 1784 'het mooiste' wat hij tot dan toe geschreven had.

Een dag later spande ook pianist Paul Komen zich in om Mozart tot leven te wekken. Vanwege de niet optimale klankverhoudingen nu weer gewoon opgesteld voor het orkest, rechts naast Bruggen, bespeelde ook hij de Lagrassa.

Maar de 'dikke dame' weigerde mee te werken aan zijn bekwame maar ongenuanceerde en ongeïnspireerde Mozart-interpretaties. Zowel het Concert voor piano en orkest in d KV 466, waarin het orkest in de war raakte na de virtuoze cadens van Komen en secondenlang uitviel, als het Concert voor piano en orkest in D, KV 537 klonken gesmoord en vreugdeloos, alsof Mozart zich verstopt had onder een stoffige deken.

Bezielder klonk het pianofortespel van Stanley Hoogland in een redelijk geslaagde uitvoering van Mozarts Kegelstatt-trio, met een nogal kleurloos musicerende Emillio Moreno op altviool en klarinettist Eric Hoeprich in de glansrol.

Concerten: Orkest van de Achttiende Eeuw o.l.v. Fans Brüggen, m.m.v. Kristian Bezuidenhout, Stanley Hoogland en Paul Komen (piano). Late pianoconcerten e.a. werken van Mozart. Gehoord: 11, 12/2 Muziekgebouw aan 't IJ. Volgende concerten: 13/2 (met Stanley Hoogland); 15/2 (Ronald Brautigam) Amsterdam. 22, 23/2 Stadsgehoorzaal Leiden; 24/2 MC Vredenburg Utrecht.