Middenweg biedt effectieve oplossing

De Tweede Kamer debatteert vandaag met minister Brinkhorst (Economische Zaken) over diens controversiële voorstel om de energiebedrijven te splitsen in productiebedrijven en een netwerkbedrijf. Arnold Heertje ziet een compromis, Auke Leen signaleert een tekort aan zelfvertrouwen, en W. Schatborn vreest aantasting van ondernemingsgewijze productie.

In de discussie over de mogelijke splitsing van de Nederlandse energiebedrijven moet de huidige in veel opzichten venijnige internationale situatie zwaar worden gewogen en dient het belang van de consumenten van nu en straks een veel groter gewicht te krijgen. Dat brengt mij tot een oplossing, die drie onlosmakelijk verbonden onderdelen omvat:

Splitsing van de energiebedrijven, zodat ruimte komt voor onafhankelijk beheer van de netwerken. Hierdoor wordt de onbelemmerde toegang van concurrerende productiebedrijven zonder netwerken, zoals E-on en Electrabel verzekerd. Bovendien wordt het perspectief voor verbetering van de energiestructuur door warmtekrachtkoppeling en duurzame opwekking versterkt.

Afzien van verdere privatisering van de energieproductie, zodat de consument noch de speelbal wordt van grote internationale partijen noch van managers van de energiebedrijven Essent, Nuon, Eneco en Delta, die uit een oogpunt van persoonlijke belangen fusies met buitenlandse energiebedrijven aangaan. Zij willen daarbij de monopoliewaarde van het netwerk als financieringsbasis op het spel zetten.

Zodanige veranderingen in het publieke beheer van de energiebedrijven, dat de macht verschuift van de huidige managers, naar de gemeentelijke en provinciale aandeelhouders en zodat ook de staat kan deelnemen in het aandelenkapitaal.

Deze driedeling waarborgt de continuïteit van de energievoorziening beter dan elke andere oplossing, waarvan in het publieke debat sprake is. Voorts behartigt deze combinatie van acties het beste de belangen van de consumenten. Het gezichtspunt van werkgelegenheid dient uiteindelijk ondergeschikt te zijn aan het effect van de energiepolitiek voor de consumenten. Deze hebben belang bij een gunstige prijs-kwaliteitsverhouding en bij investeringen in innovatie. Een bijkomend voordeel van mijn voorstel is, dat claims van Amerikaanse investeerders, die nu delen van de netwerken in eigendom hebben, vrijwel kansloos zijn.

Uitstel van een beslissing brengt het gevaar met zich mee dat de huidige beheerders van de energiebedrijven op eigen houtje allianties aangaan met buitenlandse ondernemingen zonder oog voor hun afnemers en zonder publieke verantwoording van hun door eigenbelang gestuurde handel en wandel.

(Dr. A. Heertje is oud-hoogleraar economie aan de Universiteit van Amsterdam.)