...en ontneemt het recht op privacy

De samenleving is meer geïnteresseerd in getallen dan in kinderen. Maar de kwaliteit van een school kan niet door Cito-scores worden gemeten, meent Arie de Bruin.

Heeft u wel eens drie dagen lang een toets moeten maken waar u vrijwel niets van begreep? En? Ging u in uzelf geloven, werd uw zelfbeeld positief bijgesteld?

Professionele leerkrachten in het basisonderwijs met pedagogische verantwoordelijkheid kennen de kinderen van hun groep door en door. Zij observeren dagelijks hun gedrag en weten exact wat ieder kind wel of niet kan. Zij weten ook hoe zij dit specifieke kind verder kunnen helpen en hoe het moet worden gestimuleerd.

Jarenlange frustraties die het gevolg waren van het rigoureus toepassen van de Cito-eindtoets voor alle leerlingen in groep 8, hebben er toe geleid dat die professionals besloten hebben een aantal leerlingen niet te onderwerpen aan het regime van een uniform format. In Rotterdam hebben we dat zelfs in goed overleg met alle Rotterdamse schoolbesturen afgesproken.

Waarom worden kinderen eigenlijk getoetst? De Cito-toets geeft inzicht in de schoolvorderingen van het kind en is bedoeld als tweede gegeven voor de overgang van basis- naar voortgezet onderwijs. Het is extra informatie naast het advies van de leerkracht van de basisschool. Een school en ouders kunnen daarnaast een ander tweede gegeven gebruiken, bijvoorbeeld een intelligentietest of een uitgebreid psychologisch onderzoek.

Al die gegevens gaan over kinderen en behoren logischerwijs tot het privé-bezit van ieder kind en zijn ouders. De wet op privacybescherming zou er op van toepassing moeten zijn: of dit nu de scores van een Cito-toets zijn, de uitslag van een IQ-onderzoek of het dossier uit het leerlingvolgsysteem.

Het heeft er echter alle schijn van dat er van privacy geen sprake is zolang je kind bent. Iedereen kan met jouw scores aan de haal gaan. Daardoor worden de scores voor oneigenlijke doelen gebruikt: de kwaliteit van de school wordt er mee gemeten, de kwaliteit van de leraar van groep 8. Zelfs de kwaliteit van een het onderwijs in een hele stad wordt er aan afgemeten. Daarom zijn politici waarschijnlijk zo gebrand op die cijfers en moeten alle kinderen van groep 8 die toets maken; zij moeten in een uniform format passen. De samenleving is misschien meer geïnteresseerd in getallen dan in kinderen.

Maar gelukkig zijn er bevlogen leerkrachten die andere keuzes maken. Professionals die weten dat de mogelijkheden van kinderen niet uit te drukken zijn in een score en de toets hooguit gebruiken voor wat extra informatie.

De kwaliteit van de school kan en moet niet met de Cito-scores gemeten worden. Die kwaliteit uit zich in het pedagogisch verantwoord handelen van de professionals die op die school werken en zorgvuldige afwegingen maken.

Arie de Bruin is algemeen directeur van de Stichting VPCS te Rotterdam, een organisatie met 19 scholen voor basis- en speciaal basisonderwijs in het centrum van Rotterdam.