Waterral

Langs de rietkraag bij het Noord-Hollandse Schermerhorn sluipt de Waterral (Rallus acquaticus), het liefst is hij ongezien. De Waterral nestelt in riet of zeggen boven ondiep water. Het smalle lichaam, aan de flanken iets afgeplat, maakt het mogelijk dat de vogel soepel en bijna onmerkbaar langs de stengels glijdt. Kenmerkend is de lange, roodgekleurde snavel, iets omlaag gebogen. Na dit felrood komt het donkergrijs van kop, borst en onderzijde. De bovenzijde is bruin met donkere tekening en de opstaande staart toont wit. Nederland telt zo'n drieduizend broedparen. Als de vogel zwemt, is dat met 'kopknikkende'en 'staartwippende' bewegingen. Al zien we de Waterral zelden, de geluiden horen we boven het moeras al te vaak: grillige, snorrende, fluitende en snerpende kreten, vooral 's nachts. Invallende koude dwingt de Waterral naar open water, dan is de kans op waarneming het grootst. De volksnamen van deze moerasvogel zijn poëtisch: Fluitje, Fluweelhoentje en Zijdehoentje.

Foto: Chris van Rijswijk (Birdpix.nl)

Tekst: Kester Freriks; freriks@nrc.nl