Een eenling tegen de wolven

Afgelopen zondag was het vijftig jaar geleden dat Saviely Tartakower (1887-1956) stierf. Hij was een bewonderenswaardig mens; een van de sterkste en origineelste schakers van zijn tijd, de beste, geestigste en ijverigste schaakschrijver, een dichter in drie talen, een dapper soldaat en in een bewogen leven altijd een man van eer.

Hij was geboren in de Russische stad Rostov aan de Don en verhuisde in 1899 naar Wenen. Er is vaak geschreven dat het was omdat zijn joodse ouders in Rostov tijdens een antisemitische pogrom vermoord waren, maar de Russische schaakschrijver Voronkov heeft aangetoond dat die moord pas in 1911 was.

In Wenen werd Tartakower doctor in de rechten en beroepsschaker. Tijdens de Eerste Wereldoorlog diende hij in het Oostenrijkse leger en werd hij onderscheiden op grond van zijn dapperheid.

In de Tweede Wereldoorlog diende Tartakower, die sinds 1924 in Parijs leefde, aan de andere kant. Hij wist naar Engeland te ontvluchten en voegde zich als 'luitenant Cartier' bij het legertje van de Vrije Fransen van De Gaulle.

Tijdens het Victory Tournament in Londen in 1946 werd er door de deelnemers veel gepraat over de vraag wat de schaakwereld met Aljechin aan moest. Die was wereldkampioen, maar had in 1941 een serie antisemitische artikelen gepubliceerd. Er was sprake van dat zijn titel hem ontnomen zou worden en dat hij van toernooien geweerd zou worden.

Tartakower was de enige die het voor Aljechin opnam. 'We wisten voor de oorlog allemaal dat Aljechin antisemiet was en we zeiden er niets van, waarom nu dan opeens wel?' Met zijn verleden had Tartakower recht van spreken, al vind ik niet dat hij gelijk had. Dat vooroorlogse antisemitisme was nog wel iets anders dan de steun aan een moordenaarsbende die Aljechin in 1941 gaf.

Het was wel typisch voor Tartakower dat hij als eenling optrad tegen de meerderheid. Hij had er een afkeer van om mee te huilen met de wolven, zelfs als er in het wolvengehuil wel iets waars zat.

Hij was een groot schaker en schaakschrijver, maar hoe goed was hij als dichter? Voronkov citeerde in 1998 Russische critici uit het begin van de twintigste eeuw die maar matig enthoesiast waren. Een van hen, Nikolai Goemilev, noemde Tartakower een echte dichter, die echter het Russisch slecht beheerste: 'Zijn syntaxis is onmogelijk, zijn vocabulair belachelijk.' Hij zou beter in het Jiddisch kunnen dichten, vond Goemilev. Een andere criticus, de beroemde Vladimir Nabokov, adviseerde Tartakower: 'Schrijf, maar denk niet dat het poëzie is.' Ik ken zijn poëzie niet, maar ik vermoed dat hij niet alleen als schaker, maar ook als dichter een modernistische iconoclast was.

De volgende partij won slechts de derde schoonheidsprijs van het toernooi, en daar was Tartakower erg ontevreden over. Volgens de jury waren de complicaties na het torenoffer onberekenbaar en moesten zulke onberekenbare offers niet aangemoedigd worden. De moderne opvatting is omgekeerd. Exact berekenbare offers vinden we een beetje banaal en juist in het intuïtieve offer zien we de schoonheid.

Geza Maroczy - Saviely Tartakower, Teplitz-Schönau 1922

1. d4 e6 2. c4 f5 3. Pc3 Pf6 4. a3 Le7 5. e3 0-0 6. Ld3 d5 7. Pf3 c6 8. 0-0 Pe4 9. Dc2 Ld6 10. b3 Pd7 11. Lb2Met typisch Tartakoweriaanse overdrijving schrijft de zwartspeler dat wit vertrouwt op het wetenschappelijke fundament van zijn spel, terwijl zwart de stelling als een concreet probleem ziet: mat in 25 zetten! 11Tf6 12. Tfe1 Th6Wits pretentieloze openingsopzet heeft zwart de gelegenheid gegeven een gevaarlijke koningsaanval op te zetten. Wit haast zich nu om de verdedigingsstelling in te nemen die moderne spelers al met 2. g3 en 3. Lg2 nastreven. 13. g3 Df6 14. Lf1 g5 15. Tad1Volgens Tartakower had hij meteen 15. Lg2 moeten doen om straks de manoevre Pf3-d2-f1 bij de hand te hebben. 15g4 16. Pxe4Na meteen 16. Pd2 heeft zwart 16Pxf2 15. Kxf2 Txh2+ 16. Kg1 Lxg3 16fxe4 17. Pd2

17Txh2Dit torenoffer is vooral mooi omdat zwart voor de voltooiing van de aanval zijn Ta8, Lc8 en Pd7 nog in het spel zal moeten brengen, stukken die nu sluimeren aan de andere kant van het bord. 18. Kxh2 Dxf2+ 19. Kh1 Pf6 20. Te2 Dxg3 21. Pb1 Ph5 22. Dd2 Hier en in het vervolg heeft wit steeds keuze uit verschillende verdedigingen die volgens de analyses van Tartakower alle ontoereikend zouden zijn. Of hij daarin gelijk heeft durf ik niet te zeggen. 22Ld7 23. Tf2 Dh4+ 24. Kg1 Lg3 25. Lc3 Lxf2+ 26. Dxf2 g3 27. Dg2 Tf8 28. Le1 Txf1+Dit tweede offer bereidt een beslissend ingrijpen van Ld7 voor. 29. Kxf1 e5 30. Kg1 Lg4Alle overgebleven zwarte stukken storten zich op wits koning. Wit moet materiaal teruggeven, maar het helpt hem niet meer. 31. Lxg3 Pxg3 32. Te1 Pf5 33. Df2 Dg5 34. dxe5 Lf3+ 35. Kf1 Pg3+Wit gaf op.