De kracht van 888

888, het paginanummer op Teletekst waarmee je tv-programma's kunt ondertitelen, is niet alleen handig voor doven. Nadeel: 'kut' wordt wel 'trut'.

Als ik voetbal keek op de BBC, dan kon ik, door hun zware accent, de voetbalcommentatoren van Schotse afkomst nooit volgen. Totdat ik teletekst 888 ontdekte, de ondertiteling van tv-programma's voor auditief gehandicapten (doven en gehoorgestoorden). Het geluid kan uit en de ondertiteling aan. Het is een oase van rust, ook voor de omgeving die niet naar de tv wil kijken.

Tegenwoordig kijk ik ook vaak naar Nederlandse zenders met 888. De functie is niet voor alle uitzendingen beschikbaar en bij de commerciëlen is zij al helemaal zeldzaam.Die lijken zich niets aan te trekken van mensen met gehoorklachten, een houding die ze waarschijnlijk honderdduizenden kijkers scheelt. De doelgroep van gehoorgestoorden is anderhalf miljoen kijkers groot en die kijken dus niet naar de reclames rond niet-ondertitelde programma's.

Het is een leuke ervaring, die ondertiteling. Iemand die én leest én hoort, merkt dan dat doven veel moeten missen. Een live-uitzending bijbenen is met al die radde praters ondoenlijk. Als aspirant -dove heb ik er alle begrip voor.

Maar er is een kleine compensatie. Een enkele keer zijn doven eerder geïnformeerd dan de rest van Nederland, een fractie weliswaar, maar toch. Dat is wanneer in een programma iemand een verklaring voorleest die hij of zij al vóór de uitzending aan de ondertitelaar heeft uitgereikt. Dan loopt de tekst soms voor de spreker uit: de zin of de woorden moeten voor de luisteraars nog komen, maar voor de doven staan ze al op het scherm.

Soms sneuvelen leuke dingen. Zoals wat schrijver Maarten 't Hart in een gesprek over Mozart over muziekcommentator Joop van Zijl zei. 't Hart vertelde, en dat was wél ondertiteld, dat Van Zijl ooit had opgemerkt dat wanneer je één pianoconcert van deze componist had gehoord, je ze allemaal had gehoord. Wat 't Hart daarna zei, werd de doven onthouden. 'Daarna is hij ogenblikkelijk als nieuwslezer afgevoerd.'

Gek is ook te lezen: gejuich wanneer er, bij voorbeeld bij een doelpunt, gejuicht wordt, gekreun, wanneer er gevrijd wordt en muziek wanneer een orkest druk bezig is. Natuurlijk worden er bij zo'n zenuwslopende haastklus fouten gemaakt. Toen een geïnterviewde het niet eenvoudige woord versjteren gebruikte, werd ervan gemaakt verstieren, wat iets heel anders is.

Essentiëler was de fout toen Judith Herzberg het had over de houding in Israël tegenover Sharon sinds hij liberaler werd. Zijsprak over mensen die hem haten waar juist had moeten staan haatten,waardoor de essentie van haar opmerking verloren ging.

Ook versprekingen bereiken de doven niet. Zoals toen bij Buitenhof de presentator het in verband met Plasterk had over een plasvorm in plaats van een platform. Lelijke woorden sneuvelen soms ook. Zoals bij de reconstructie van een criminele actie in een VARA-programma. De overvaller schold daarbij zijn slachtoffer, die uit zelfbescherming op hem had geschoten, uit voor 'kut'. Voor de doven werd er 'trut' van gemaakt. Censuur? Kuising? Of, derde mogelijkheid: had de ondertitelaar het niet goed verstaan?