Pop-Art collages uit de townships

De vraag lijkt een wrange grap: mag je een neger in de schaduw fotograferen? Tot voor enkele jaren, zeg tot het afschaffen van de apartheid, zou het antwoord vast negatief hebben geluid - te suggestief, te somber, te veel vooroordeel. Wat dat betreft is het dus opmerkelijk dat Viviane Sassen op Die son sien alles, haar nieuwe tentoonstelling bij de Motive Gallery in Amsterdam, zonder gêne zes foto's toont van donkere mensen in de schaduw. Zoveel schaduw zelfs dat hun gezichten soms nauwelijks meer te zien zijn.

Viviane Sassen, ‘Woolworths’ uit de serie ‘Flats’, 2005 (color print, 100 x 125 cm) Viviane Sassen: Die son sien alles. T/m 5 maart in: Motive Gallery, Elandsgracht 10, Amsterdam. Open woe t/m za 13-18u, eerste zondag van de maand 14-17u. Sassen, Viviane

Sassen maakte de portretten in Zuid-Afrika en toont ze samen met de serie Flats, foto's van interieurs van woningen in Zuid-Afrikaanse townships. Die interieurs vallen op doordat ze er armoedig uitzien, maar soms lijken ze, met hun kale hout en golfplaten en stukken van reclameposters, ineens op vroege Pop Art-collages.

Op het eerste gezicht hebben de series weinig met elkaar te maken, maar juist die verscheidenheid is typerend voor het werk van Sassen en haar generatiegenoten Martine Stig, Elspeth Diederix en Marnix Goossens. Stuk voor stuk zijn deze fotografen technisch uitstekend onderlegd en werken ze zowel voor tijdschriften en reclamecampagnes als voor musea.

Bij hun vrije werk steekt echter steeds hetzelfde dilemma de kop op: hoe verleen je een foto betekenis? Simpelweg tonen is voor Sassen zelden genoeg, ze wil meer, maar lijkt vaak niet te weten hoe. Dat leverde in het verleden veelal beelden op die er verleidelijk uitzagen, kleurig en slim, maar die ook heel nadrukkelijk 'echte kunst' wilden zijn - en dan door de mand vielen.

In dat opzicht is het dus interessant dat Sassen ervoor heeft gekozen om in Zuid-Afrika te gaan fotograferen, ook al omdat deze twee series haar dilemma prachtig verbeelden.

De portretten zijn typisch de 'oude' Sassen: ze kan het manipuleren niet laten. Het ziet er weliswaar mooi uit, die diepzwarte vlekken over de bruine lichaamsdelen, maar je blijft je afvragen wat ze er mee bedoelt. Worden zwarte mensen niet genoeg bekeken? Zijn het outcasts? Of zoekt Sassen louter de esthetiek van zware contrasten en vette schaduwen? Bij ontstentenis van meer vermoed je vooral het laatste, en dat is erg onbevredigend.

Vergeleken met deze foto's zijn de Flats veel soberder, zeg maar gerust: documentair. Dat is even wennen, maar in Sassens oeuvre doet het weldadig aan: ze probeert hier niet zelf betekenis te verschaffen, maar constateert een gelaagde werkelijkheid en legt die vast. Dat maakt de foto's meteen spannender.

Vooral Woolworths (2005) uit deze serie is mooi. We zien een township-café waarvan de wand is bekleed met een Woolworths-reclameposter, inclusief mooie, blanke, roodharige vrouw. Er is alleen een probleem: de wand bevat een raam, waardoor de vrouw in drie stukken is geknipt die als een schuifpuzzel om het gat zijn gedrapeerd. Dat is mooi gezien van Sassen, en in zijn onhandigheid is het roerend. De serie zou dan ook mooi zijn als het thema van de veelkleurige township-hut niet al was uitgekauwd.

Toch toont Flats voor Sassen een veelbelovende ontwikkeling: als ze zelf gewoon kijkt en de conclusie aan de toeschouwer overlaat, wordt haar werk meteen een stuk interessanter.

Viviane Sassen: Die son sien alles. T/m 5 maart in: Motive Gallery, Elandsgracht 10, Amsterdam. Open woe t/m za 13-18u, eerste zondag van de maand 14-17u.