Aanvaard risico's van rol in Midden-Oosten

Dat de islam in Europa losgekoppeld raakt van de crises in het Midden-Oosten, is precies de richting waarin de oplossing moet worden gezocht voor de onvermijdelijke spanningen waar we mee te maken hebben, meent Olivier Roy.

Het conflict over de Deense spotprenten wordt voorgesteld als uitdrukking van een 'clash of civilisations', een botsing van beschavingen, tussen het liberale Westen en de islam die geen vrije meningsuiting toestaat. Er is veel onwetendheid en nog veel meer hypocrisie voor nodig om die stelling staande te houden. De vrijheid van meningsuiting is in de westerse landen altijd al beperkt door twee dingen: door de wet en door een zekere sociale consensus. Antisemitisme wordt met de wet bestreden, maar ook het kwetsen van andere gemeenschappen.

In 2005 kon in Frankrijk de katholieke kerk een advertentie laten verwijderen met een afbeelding van het laatste avondmaal waarop de apostelen waren vervangen door schaars geklede vrouwen.

Die actie was precies hetzelfde als wat de moslimorganisaties nu doen. Welke kranten hebben toen de gewraakte advertentie afgedrukt ter verdediging van de vrijheid van meningsuiting?

De tolerantie van de publieke opinie is ook zeer wisselend. Geen enkele respectabele krant zou vandaag een interview met [de omstreden komiek van Frans-Kameroense afkomst - red.] Dieudonné publiceren, ook al is hij (nog) niet veroordeeld wegens antisemitisme.

Geen enkele grote krant zou cartoons afdrukken waarin de spot wordt gedreven met blinden, dwergen, homoseksuelen of zigeuners, niet zozeer uit angst voor juridische vervolging als wel uit angst beticht te worden van slechte smaak.

Maar voor de islam mag slechte smaak wel, want de publieke opinie is ontvankelijker voor islamofobie (waarachter heel vaak een afkeer van immigranten schuilgaat). Wat de gemiddelde moslim shockeert, is niet dat de profeet wordt afgebeeld, maar dat met twee maten wordt gemeten.

De protesten van de moslims in Europa zijn, afgezien van enkele heethoofden die er zelf munt uit willen slaan, tamelijk gematigd en vallen ook onder de vrijheid van meningsuiting. Maar meer in het algemeen maken ze deel uit van wat vandaag hèt discussiepunt in het Westen is: in hoeverre moet de wet een gebied van heiligheid waarborgen, of het nu gaat om godslastering, ontkenning van de holocaust, nagedachtenis van of respect voor anderen? In termen van een nog algemenere discussie: wat valt onder de menselijke vrijheid en wat onder de natuurlijke of goddelijke orde?

Het is niet verbazingwekkend dat conservatieve gelovigen, christenen, joden of moslims steeds vaker elkaar vinden als zij eisen dat er grenzen worden gesteld aan de menselijke vrijheid, of het nu gaat om abortus, homohuwelijk, bio-ethiek of godslastering. Niet verbazingwekkend is ook dat in Frankrijk de bisschoppenconferentie, het rabbinaat en de protestantse kerken hebben laten weten te begrijpen waarom de moslims verontwaardigd zijn. In deze discussie staan niet het Westen en de islam tegenover elkaar, het is een discussie binnen het Westen zelf.

Vanwaar dan de gewelddadigheden naar aanleiding van de cartoons? Op dat punt moeten we ons niet van de domme houden. Als we kijken naar de plaatsen waar de volksopstanden plaatsvinden, zien we dat het geweld zich voordoet in landen met regimes en politieke leiders die met de Europese landen nog een rekening hebben te vereffenen.

Het geweld is georganiseerd door regeringen en politieke bewegingen die tegen de aanwezigheid zijn van de Europese landen in een aantal crisishaarden in het Midden-Oosten. Het is de prijs voor toenemende diplomatieke bemoeienis, waarover echter geen openbare discussie wordt gevoerd.

Dat het Syrische regime zich nu opwerpt als verdediger van de islam, zou grappig gevonden kunnen worden als het niet zo tragisch was. Een regime dat tienduizenden moslimbroeders heeft uitgeroeid, loopt nu voorop in het verdedigen van de profeet. Het betreft hier uitsluitend een politieke manoeuvre om de overhand te krijgen in Libanon door een verbintenis aan te gaan met iedereen die zich bedreigd of genegeerd voelt door de Europese politiek. Uit de crisis blijkt dus ook dat er een belangrijke wijziging heeft plaatsgevonden in de politiek van Europa. Toen de Amerikanen Irak binnenvielen, was het bon ton om tegenover de Brits-Amerikaanse coalitie het 'oude Europa' te stellen dat tegen de Amerikaanse inval was, pro-Palestijns, en dat de soevereiniteit van staten vooropstelde, soms ook als dat ten koste ging van democratisering. Frankrijk zette daarmee de gaullistische traditie voort van onafhankelijkheid tegenover de Verenigde Staten.

Maar de afgelopen drie jaar zijn de zaken heel anders komen te liggen. De Europese landen zijn uit zichzelf een krachtmeting aangegaan met Iran en staan in de frontlinie met het beschuldigen van Teheran bij de Veiligheidsraad, terwijl de VS zich beperken tot voorzichtige retoriek. Moeten we ons er dan over verbazen dat de Hezbollah en Teheran olie gooien op het vuur van de cartoons? In Afghanistan worden nu de Amerikaanse soldaten afgelost door de NAVO-strijdkrachten, dat wil zeggen door Europese troepen die in de frontlinie komen te liggen tegenover de Talibaan en Al-Qaeda. De coalitie van Pakistaanse partijen die nu protestmarsen houdt tegen de Deense cartoons, is precies dezelfde die de Talibaan en Al-Qaeda steunt. In Libanon heeft Frankrijk - en dus ook Europa - plotseling een hard standpunt ingenomen over de Syrische aanwezigheid, tot grote ergernis van het regime van Bachar Al-Assad. Hij neemt nu wraak door in het geheim aanvallen op ambassades te organiseren. (Zou vandaag de dag in Damascus een spontane, ongecontroleerde demonstratie denkbaar zijn?) Maar het is misschien wel bij de Palestijnse kwestie dat de verandering, zo niet inhoudelijk dan toch naar de vorm, het meest in het oog springt: Europa, eensgezind dit keer, heeft na de overwinning van Hamas draconische voorwaarden gesteld voor voortzetting van de hulp, wat onbegrijpelijk is voor veel Palestijnen, die gerekend hadden op meer neutraliteit. Vandaar ook de uitbarstingen van Gaza tegen de vertegenwoordigingen van de Europese Unie.

De afgelopen drie jaar heeft Europa, allesbehalve neutraal of afwezig, in het Midden-Oosten een duidelijker zichtbare en op interventie gerichte houding aangenomen. Het is ook dichterbij de VS komen te staan. Dat wil Washington ook, vooral met het oog op een geleidelijke terugtrekking uit Irak. Door die grotere Europese zichtbaarheid ontstaan spanningen met een coalitie van uiteenlopende regimes en bewegingen die weer gebruikmaken van de Europese moslims.

Eigenlijk was deze strategie al duidelijk toen de Arabische ambassadeurs van de Deense autoriteiten eisten dat zij zouden optreden. De Arabische regimes hebben namelijk altijd al gepoogd de immigranten in Europa vast te houden als een diaspora die kan worden gemobiliseerd voor nationale doeleinden. Van de Noord-Afrikaanse landen krijgen immigranten van de tweede generatie, die in Frankrijk zijn geboren, automatisch de nationaliteit van hun ouders. De consulaten stellen zich steeds op als bemiddelaars bij spanningen rond kwesties van de islam en ze voeren heftig campagne om controle te krijgen over de verkiezing van de CFCM (de Franse moslimraad). De universiteit Al-Azhar in Kaïro werpt zich op als instantie voor het opleiden van imams en het uitvaardigen van fatwa's, en verwerpt de Europese fatwaraad, gevestigd in Londen, die een apart recht voorstaat voor de moslimminderheid. Zowel staten als organisaties doen alles om de moslims in Europa binnen de invloedssfeer van het Midden-Oosten te houden. Dat is hun goed recht.

Maar deze 'bescherming' wordt door de meerderheid van de moslims in Europa in toenemende mate als hinderlijk ervaren. Interessant is dat de grote organisaties enige afstand bewaren ten opzichte van de discussie over de spotprenten. Kijk maar op de website van de UOIF (Unie van Islamitische Organisaties in Frankrijk) of op www.oumma.com. Dat de islam in Europa losgekoppeld raakt van de crises in het Midden-Oosten, is precies de richting waarin de oplossing moet worden gezocht voor de onvermijdelijke spanningen waar we mee te maken hebben. De moslims in Europa moeten behandeld worden als burgers, net zoals christenen en joden, ook als het geregeld nodig is te wijzen op de vrijheid van meningsuiting en op de scheiding van kerk en staat.

Maar het is ook nodig dat de publieke opinie in Europa ervan doordrongen raakt dat Europa veel sterker betrokken is in de kwesties van het Midden-Oosten, van Palestina tot Afghanistan, want dat brengt met zich mee dat zowel de diplomatieke vertegenwoordigingen als de niet-gouvernementele organisaties en de gewone burgers aan meer risico's zijn blootgesteld. Men kan een grotere rol van Europa in Afghanistan of in Libanon toejuichen, maar aanvaard dan ook de gevolgen daarvan.

Nogmaals: wat eraan schort in Europa, is dat er geen plaats is waar een echte politieke discussie wordt gevoerd.

Olivier Roy is directeur onderzoek aan het Franse Centre National de la Recherche Scientifique. Vorig jaar verscheen van hem 'La laïcité face à l'islam'.