Witte werkster is utopie

Wanneer werksters, de kinderoppas en de klusjesmannen er morgen massaal het bijltje bij neergooien, loopt onze economie prompt spaak. Tweeverdieners arriveren te laat op hun werkplek en ze moeten eerder naar huis. Hulpbehoevende ouderen staan er alleen voor bij het doen van de boodschappen; hun kapotte gloeilamp wordt niet vervangen. Hoeveel mensen met diverse vormen van persoonlijke dienstverlening een boterham verdienen, is niet bekend. Het personeel van crèches en de thuiszorg staat bij het Centraal Bureau voor de Statistiek te boek. Zij zijn onderdeel van de formele, witte economie. Maar veruit de meeste hulp in en om het huis wordt verleend door zwartwerkers, die hun arbeid ongeregistreerd en niet door de fiscus opgemerkt verrichten. De reden is helder. Witte werknemers kosten ten minste 24 euro per uur. Daarvan gaat 15 euro naar de fiscus wegens loonbelasting, sociale lasten en BTW. Laagbetaalde werknemers houden schoon 9 euro over. Dit maakt het voor iedereen een stuk voordeliger om uit te wijken naar het informele, zwarte circuit. Bij een vergoeding van 10 euro is de opdrachtgever minimaal 14 euro per uur goedkoper uit, en is de zwartwerker altijd nog 1 euro per uur beter af. De schatkist is de huilende derde.

De opdrachtgever die voor niet meer dan twee dagen per week helpende handen inhuurt, zit goed. Alleen de werkster en de tuinman gaan in de fout, als zij hun inkomsten verzwijgen. Dat wordt anders wanneer de helper op drie of meer dagen in de week in dienst is. In dat geval dient de opdrachtgever loonbelasting en sociale premies af te dragen. Wie dat niet doen, kunnen last met de fiscus krijgen. Overigens is de kans op ontdekking, zoals iedereen weet, uiterst gering. De komende jaren dijt het zwarte circuit verder uit. Steeds meer gezinnen tellen twee verdieners. Dan is het handig als iemand overdag het huis schoonmaakt en de kinderen na schooltijd opvangt. Door de vergrijzing en de wens zo lang mogelijk zelfstandig te blijven wonen, zijn ook steeds meer senioren op zoek naar zelfbetaalde hulp.

Twee weken geleden kwam de Raad voor werk en inkomen (RWI) met voorstellen om de groeiende vraag naar 'zwarte' dienstverlening te 'witten'. De werkster zou tot 500 euro per maand mogen bijverdienen, zonder dat ze daarover een cent belasting en sociale premies hoeft te betalen. Dit plan past naadloos in de nationale gedoogtraditie. Een deel van de bestaande fiscale fraude wordt met de mantel der liefde bedekt, door de regels op te rekken. Kamerleden hebben het voorstel inmiddels kritiekloos omarmd. Zij denken niet na. Zo'n ruime vrijstelling voor inkomsten uit bepaalde vormen van persoonlijke dienstverlening is fraudegevoelig, leidt tot verdringing van regulier werk, is hoogst oneerlijk en zal de werkgelegenheid niet vergroten.

Fraude is voorspelbaar. Zo wil de RWI eenvoudig tuinonderhoud, zoals grasmaaien en onkruid schoffelen, vrijstellen. Maar een handige tuinhulp plant natuurlijk ook de bollen, snoeit de heesters en zo meer. Als volleerd hovenier verleent hij ook niet-vrijgestelde diensten, maar wie kan dat controleren?

Dit voorbeeld illustreert hoe regulier werk van wel belasting betalende hoveniers straks uit de markt wordt gedrukt. Dat geldt voor meer door de RWI genoemde activiteiten, zoals het vervoer van gehandicapten en ouderen. Dit gebeurt nu door taxibedrijven die opereren in de officiële economie en die binnenkort marktaandeel dreigen te verliezen aan witgewassen beunhazen.

De gevolgen van het plan zijn bovendien uitgesproken onbillijk. Neem een schoonmaker die in een voltijdbaan bruto 1.350 euro per maand verdient, dat is iets meer dan het wettelijk minimumloon. Door in de weekenden over te werken, weet hij zijn maandloon met bruto 500 euro op te vijzelen. Daar gaat 225 euro af aan belasting en sociale premies. Bovendien vermindert zijn aanspraak op zorgtoeslag met 25 euro. Door het extra loon ontvangt hij verder 100 euro minder huurtoeslag. Netto levert het overwerk onze schoonmaker slechts 150 euro per maand op. Zijn buurvrouw doet vergelijkbaar schoonmaakwerk bij twee families, verdient daarmee 500 euro en zou het gehele bedrag straks mogen houden. Dat is toch niet te verkopen.

De Raad voor werk en inkomen wil bovendien dat iedereen in de toekomst met zijn persoonlijke dienstverleners formele contracten sluit en jaarlijks aan de fiscus meldt hoeveel hij aan de werkster en de tuinman betaalt. Waarom zouden opdrachtgevers hier in vredesnaam aan meewerken? Gaan zij op de huidige voet door - wat niet verboden is - dan kost hulp straks evengoed 10 euro per uur. Of werkster en tuinman hun inkomen aan de fiscus opgeven is nog steeds de zorg van de opdrachtgever niet. Klussers zullen eveneens kiezen voor de status quo, zeker wanneer zij een uitkering ontvangen. Zij mogen 165 euro bijverdienen, zonder dat op hun uitkering wordt gekort. De rest van de vrijgestelde 500 euro zouden zij - terecht - toch moeten inleveren. Dan is blijvend deelnemen aan het zwarte circuit veel voordeliger.

De slotsom is niet moeilijk. Het RWI-plan komt uit de koker van wereldvreemde notaschrijvers en kan het beste linea recta de papierversnipperaar in.