Dogma

Het woord 'dogma' is opeens weer terug van een behoorlijk tijdje weggeweest. Het bestond nog wel, maar het werd vooral in de westerse wereld zoveel mogelijk aan zijn lot overgelaten.

Van mij had het mogen wegblijven. Het staat voor alles wat fundamenteel, onwrikbaar en onaantastbaar is en het is omgeven met een geur van heiligheid. Van Dale geeft als eerste betekenis: 'Vastomlijnd, aan geen beredenering meer onderworpen geloofsartikel; iedere waarheid waarvan de katholieke kerk plechtig heeft verklaard dat zij door God geopenbaard is en derhalve door de mens geloofd moet worden.'

Zo leerde je het vroeger als kind op de katholieke school. God bestond uit drie goddelijke personen. De paus was onfeilbaar. Later, toen je de kerk ontgroeid was, merkte je dat er ook op niet-kerkelijke gebieden dogma's waren. Politieke dogma's, economische dogma's. Veel gelovigen bleken in de jaren zestig en zeventig hun religieuze dogma's te hebben ingeruild voor politieke.

Daarna verdween het dogma een tijdje naar de rommelzolder, maar het begint weer terug te komen. In deze krant las ik gisteren een gezamenlijke verklaring van de VN, de Islamitische Conferentie Organisatie en de EU. Ze waren diep verontrust over de repercussies van de 'beledigende karikaturen' in de Deense cartoons. Het drietal wilde wel vasthouden aan de vrijheid van meningsuiting (dank! dank!), maar vond ook dat persvrijheid is gebonden aan respect voor 'het geloof en dogma's van alle godsdiensten'.

Alle dogma's van alle godsdiensten! Dat schiet op. De pausen van die andere godsdiensten zijn nu kennelijk ook onfeilbaar geworden - voor ons allemaal, wel te verstaan.

Toevallig kwam ik Persvrijheid 's avonds in de trein tegen. Zij (ja, het is altijd een vrouw geweest, een mooie zelfs, maar wel erg kwetsbaar) zag er afgetobd en hongerig uit. Ze hing ergens bij de wc rond, want ze had geen geld meer voor een kaartje gehad. 'Hier ben ik ook als eerste uit de trein', zuchtte ze. 'Ik ben deze dagen mijn leven niet meer zeker.'

Maak je het nu niet een tikkeltje te dramatisch, zei ik nog, maar ze bezwoer me dat haar situatie ernstig was. Huizen van haar familieleden werden in brand gestoken, iedereen stond erbij en keek ernaar. De brandweer stak maar een slap handje toe en mompelde: 'Dan had je maar de brandblussers moeten gebruiken.'

'Maar de Nederlandse politiek staat pal achter je', troostte ik haar.

'Ik moet het nog zien als de export in gevaar komt', zei ze.

Toen haalde ze het jongste nummer van de Nieuwe Revu tevoorschijn en begon voor te lezen uit een interview met Michiel van Hulten, de nieuwe PvdA-voorzitter. 'Wat mij betreft', zei Van Hulten, 'komt er in Den Haag een politiek-journalistiek Dogma, een code of conduct: tien regels van zuiverheid waaraan journalisten - maar ook politici - zich conformeren.'

Dogma had zelfs een hoofdletter gekregen. De pers mag van Van Hulten niet meer interviews met politici inkorten, niet meer spreken met anonieme bronnen, niet meer gebruikmaken van lekken. 'Jammer voor Richard Nixon dat hij dat niet meer heeft mogen meemaken', zei Persvrijheid bitter. Ze verdween in de wc. 'Dogma jaagt op me', zei ze, 'ik moet door.'