Alleen met meer concurrentie heeft EU toekomst

Roeline Knottnerus is lid van de Socialistische Partij en zegt: 'Stop de dienstenrichtlijn.'(NRC Handelsblad, 12 januari). Jan Marijnissen is leider van de SP. 'We moeten de grenzen [...] niet verder openen', schreef hij op 31 januari samen met fractiegenoot Jan de Wit op de Opiniepagina van deze krant.

Knottnerus schrijft: 'Er wordt met de botte bijl gekapt in allerlei beschermende wetgeving [...] die nu het leveren van diensten reguleert.' Is dat zo? In ieder geval niet als gevolg van de dienstenrichtlijn. Marijnissen en De Wit schrijven: 'Het is onacceptabel dat werkgevers buitenlands personeel minder dan 3 euro per uur betalen.' Dat is het ook, maar de dienstenrichtlijn is hier vreemd aan.

Misschien is het nuttig de essentie van de dienstenrichtlijn in hoofdpunten uiteen te zetten.

Allereerst dit: op wie slaat de richtlijn niet? Niet op zwarte arbeid. Dat is een zaak voor de verschillende overheden. Noch op werknemers in loondienst. Die verlenen namelijk geen dienst. Poolse slagers die de grens met Duitsland oversteken en door een Duits abattoir worden aangenomen, moeten volgens de desbetreffende CAO worden betaald. Zo is het natuurlijk ook in Nederland.

Uitgezonden personeel dan, dat bij een onderneming in een ander EU-land wordt gedetacheerd? Neen - ook dat niet, want een Europese richtlijn uit 1995 bepaalt dat personeel volgens de relevante CAO moet worden betaald.

Voor wie geldt de richtlijn dan wel? Voor twee categorieën: voor ambachtslieden (de befaamde Poolse loodgieter) en beoefenaren van vrije beroepen (advocaten, accountants, architecten) die voor eigen rekening en risico in een andere lidstaat willen werken. Zij werken voor een per geval afgesproken loon. Maar ook zij zullen zich moeten houden aan de lokale wetten. Dus een Duitse tuinier die in Nederland komt werken, mag geen herbicide gebruiken die in Duitsland toegelaten maar in Nederland verboden is.

Het verdrag van Rome, basis van de Europese Unie, kent vier fundamentele vrijheden: vrijheid van verkeer van personen, goederen, kapitaal en diensten. De dienstenrichtlijn schept dus geen enkel recht dat niet al bestaat.

Wat doet zij dan wel? Zij richt zich tegen alle bureaucratische obstakels die het vrije verkeer van diensten bemoeilijken en dat zijn er vele. Veel diensten worden verricht door kleine en middelgrote bedrijven. Daar ontstaat werkgelegenheid - niet bij het grote bedrijfsleven. Wie dus banen wil laten ontstaan, moet de dienstenrichtlijn steunen. Ook SP en FNV moeten dat beseffen.

Groot-Brittannië, Ierland en Zweden hebben de grenzen al wel opengesteld. 'De werkloosheid daar is gedaald en er zijn meer mensen aan de slag', heeft Eurocommissaris Spidla (Sociale Zaken) terecht laten weten. Wat de Europese Unie nodig heeft, is niet protectionisme maar meer concurrentie. Anders maken we geen kans tegen de concurrentie uit Azië.

F. Bolkestein is oud-lid van de Europese Commissie.

www.nrc.nl/opinie:- Interview met Knottnerus ' Strijd tegen de dienstenrichtlijn'- Artikel Marijnissen en De Wit 'Help, daar komen de Polen'