Dankzij Drees bleef er een echtpaar op Soestdijk

In de jaren '50 stonden koningin Juliana en prins Bernhard op punt van scheiden. Bijna was er een constitutionele crisis ontstaan. Maar premier Drees triomfeerde.

Minister-president Drees had er zijn handen vol aan: het normaliseren van de verhouding tussen koningin Juliana en prins Bernhard. Toen, in de jaren vijftig van de vorige eeuw, was het gevaar van een ernstige constitutionele crisis veel groter dan altijd is gedacht.

Dat blijkt uit de vandaag verschenen studie Drees en Soestdijk. Over de zaak-Hofmans en andere crises 1948-1958 van Drees' biograaf prof.dr. H. Daalder. Hij ontving in 1973 drie mappen van Drees, minister-president van 1948 tot 1958, met het uitdrukkelijke verzoek pas tot publicatie over te gaan na het overlijden van Juliana en Bernhard.

Eind jaren '40 had Bernhard de gebedsgenezeres Greet Hofmans naar het hof gehaald, om zijn jongste dochter te genezen van een ernstige oogkwaal. Maar Juliana raakte in de ban van Hofmans, tot grote ergernis van Bernhard.

In zijn boek richt Daalder zich niet specifiek op de kring rondom Hofmans, en ook niet op de verhoudingen binnen de koninklijke familie. Hij richt zich “op de problemen die zich ontwikkelden in de constitutionele verhoudingen binnen de Kroon“.

Die problemen logen er niet om. Zo was er de omstreden gratieverlening van de Duitse oorlogsmisdadiger Willy Lages, die verantwoordelijk was voor de deportatie van joden naar de concentratiekampen. Juliana was voor gratiëring, het kabinet tegen. De nieuwe minister van Justitie in 1952, de PvdA'er Donker was, tandenknarsend weliswaar, bereid deze kwestie te regelen door Lages voor te dragen voor gratie.

In 1952, terwijl de wapenwedloop met de Sovjet-Unie in volle gang was, reisde het koninklijk paar naar de Verenigde Staten. De sterk pacifistisch getoonzette redevoeringen die ze daar hield vielen slecht - niet alleen binnen het kabinet, maar ook bij de atlanticus Bernhard. Ten paleize waren twee kampen ontstaan: één rond Juliana, één rond Bernhard.

Een dreigende echtscheiding, half jaren vijftig, en een eventuele troonsafstand van de koningin, lieten het kabinet niet onberoerd. Maar met optreden werd gewacht. “De terughoudende opstelling die Drees en het kabinet lang bleven innemen, moest onvermijdelijk worden opgegeven toen enerzijds de mogelijkheid van echtscheiding van het koninklijk paar opdoemde, en anderzijds als onderdeel van de echtelijke strijd de meningsverschillen aan het hof bewust in de publiciteit werden gebracht“, aldus Daalder.

Op 13 juni 1956 publiceerde het Duitse weekblad Der Spiegel een verhaal over de moeilijkheden binnen het Koninkrijk. De kwestie, die de hoogste kringen zorgvuldig onder de pet hadden gehouden, lag op nu straat. Mediaspeculaties over het wel, en vooral wee, binnen de koninklijke familie waren niet van de lucht. Daalder: “Prins Bernhard was niet alleen de kennelijke bron voor het Spiegel-artikel van 13 juni, maar zou ook later Der Spiegel en de Daily Express [...] van nieuwe informatie voorzien [...].“ Het koninklijk paar liet per communiqué weten een Commissie van Drie Wijzen te willen, met onder anderen oud-premier Beel als lid. De wijzen moesten een oplossing vinden voor de gerezen problemen.

Volgens Daalder is deze commissie niet door Drees of de ministerraad ingesteld. Hij voerde op 25 mei 1973 een gesprek met de oud-premier. “De gedachte van de instelling hiervan kwam van de Koningin en de Prins zelf. [...] Drees gelooft niet dat hij ergens in de personele samenstelling van de Commissie is gekend. Wel had hij natuurlijk een zeer vertrouwelijk contact over die zaken in die tijd met Beel“, aldus het verslag van Daalder van dit gesprek.

Drees vond de benoeming van de drie wijzen zelfs “een griezelig experiment“, waarvan hij het resultaat “met grote zorg tegemoet zag“, aldus Daalder.

Dat uiteindelijk een definitieve crisis is voorkomen, heeft volgens Daalder alles te maken met het terughoudende optreden van Drees - gelijk de Romeinse dictator Fabius Cunctator “die steeds weer slagen vermeed, maar uiteindelijk triomfeerde“.