Chinese partij vergadert in de sauna

De vriendengroep waarmee ik vandaag een dagje naar het vrieskoude Chinese platteland op stap ben, kent elkaar door en door. Ze zaten veertig jaar geleden samen op de middelbare school, en hebben sindsdien altijd contact gehouden.

Eén van de mannen van middelbare leeftijd vertelt bij de boerenfamilie waar we op bezoek zijn van een recent financieel tegenvallertje. 'De communistische partij is er opeens achter gekomen dat ik al acht jaar geen lidmaatschapsgeld betaal en nooit meer de partijbijeenkomsten bezoek. Ik moet nu alle achterstallige contributie betalen, en ze verwachten me ook weer elke week voor de vergadering', zegt hij sip.

'Dat heb je lekker dom aangepakt', zegt een van zijn vrienden. 'Je had moeten dreigen dat je je lidmaatschap eigenlijk al lang helemaal wilde opzeggen. Dan schrikken ze zich wild. Ik had willen wedden dat ze je die contributie dan wel hadden kwijtgescholden. Wie weet hadden ze je zelfs mee uit eten genomen', zegt hij lachend.

Maar als je eenmaal lid bent van de partij is het in de praktijk zo goed als onmogelijk om ooit weer van dat lidmaatschap af te komen. Tenzij je natuurlijk voor wangedrag uit de partij wordt gezet, maar zoveel geluk heeft een slapend en gezapig lid zelden. Een woedende boer had me al eens verteld dat het hem maar niet wilde lukken op zijn lidmaatschap op te zeggen. Hij wilde ervan af omdat hij de partij inmiddels meer van de maffia dan van een volksbevrijdingsorganisatie weg vond hebben.

De Chinese communistische partij heeft momenteel bijna zeventig miljoen leden. Dat betekent dat meer dan een op de twintig Chinezen partijlid is. In 2003 had de partij nog 64 miljoen leden, en midden jaren tachtig van de vorige eeuw zo'n 44 miljoen.

De man van de vriendenclub die als docent aan een universiteit werkt, zelf een partijlid, vertelt dat hij de verplichting heeft om minstens vijftien procent van de nieuwe studenten elk jaar als partijlid te werven. Hij vindt het een verwerpelijke opdracht, want volgens hem zouden mensen alleen echt vrijwillig en uit overtuiging lid van de partij moeten worden. Toch haalt hij elk jaar zijn quotum.

Hoe? Een van de andere vrienden heeft daar een mooie uitleg voor. 'Met mensen die vandaag de dag nog lid willen worden van de partij, is vrijwel altijd iets mis. Op een gewone manier lukt het ze niet om macht en invloed te verwerven. Het zijn matige studenten, slechte werkers of onaangename mensen. Als ze eenmaal lid zijn van de partij durft niemand ze meer te passeren. Daarom worden juist zulke mensen lid', stelt hij.

Een ander vertelt hoe de partij vroeger steeds bij hem kwam zeuren of hij geen lid wilde worden. 'Ik heb iets tegen de partij, daarom doe ik het niet', zei hij op een gegeven moment half grappend, half serieus. Die opmerking was genoeg om nooit meer benaderd te worden. Dat was achteraf maar gelukkig ook, want de man die hem probeerde te werven bleek later door en door corrupt. Als hij wel lid was geworden, was hij misschien in de val van die man meegesleurd toen hij uiteindelijk tegen de lamp liep.

'Zijn die partijvergaderingen tegenwoordig een beetje te doen?' vraagt hij belangstellend aan de docent. 'We houden ze altijd in de sauna, dus dan komt iedereen graag opdagen', antwoordt de docent lachend, kijkend over het hoofd van de kleindochter van het boerengezin, een wees. Hij zit haar computer te repareren.

Het meisje deelt het cynisme van de groep vrienden niet. Ook haar grootvader is veel positiever over de partij. Hoe dat komt? De nieuwe televisie die naast het meisje staat verklaart veel. 'De partijsecretaris heeft ervoor gezorgd dat alle wezen bij ons in het dorp met de jaarwisseling een televisie, een deken, wat geld, twee zakken rijst, twee zakken meel en een fles bakolie kregen. Daarvoor zijn we de partij en de overheid heel dankbaar', zegt haar grootvader oprecht.

Ook alle bejaarden zonder kinderen en alle lichamelijk gehandicapten hebben zo'n cadeaupakket gekregen. Daarmee wil de overheid haar beleden ideaal van een meer harmonieuze samenleving, waarin de verschillen tussen arm en rijk en tussen stad en platteland worden verkleind, zichtbaar kracht bij zetten.

Wie weet wil de kleindochter dan later uit zichzelf lid worden van de partij. Gewoon, omdat ze heeft gezien wat de communistische idealen in de praktijk betekenen.