CDA: linksom of rechtsom in college Rotterdam

Na moeizame onderhandelingen kreeg Rotterdam in 2002 een college met Leefbaar en het CDA. Zal dat nu weer lukken?

Het college van Rotterdam kreeg in 2002 drie wethouders van Leefbaar Rotterdam, twee van het CDA en twee van de VVD. Dat was vreemd, want bij de gemeenteraadsverkiezingen van dat jaar behaalde Pim Fortuyn met Leefbaar Rotterdam 17 zetels (van de 45), het CDA vijf en de VVD vier. Een logischer verhouding was dus geweest: vijf wethouders voor Leefbaar Rotterdam, één voor het CDA en één voor de VVD.

Dat het zo niet is gelopen, had veel te maken met het politieke pragmatisme van Pim Fortuyn. Om bij zijn nieuwe partners het gevoel weg te nemen dat zij zich overleverden aan een mogelijk onberekenbare coalitiegenoot, gunde hij hun de meerderheid in het college.

Een andere afweging was dat wellicht niet de LPF, maar in ieder geval wél het CDA of de VVD in een volgend kabinet zouden komen. Vier Rotterdamse wethouders van CDA en VVD: dat zou de verhoudingen met 'Den Haag' ten goede komen. Dit laatste is ook gebeurd. Het 'project Rotterdam' wordt in Den Haag gezien als een coproductie van kabinet en college. In Den Haag wordt gesproken van de 'Rotterdamse school': een effectieve lobby van lokale oplossingen voor problemen die ook landelijk spelen. Dit heeft bijvoorbeeld geresulteerd in de 'Rotterdamwet', waardoor (grote) steden nu in bepaalde wijken nieuwkomers mogen weren die niet meer dan een bijstandsuitkering hebben.

Maar Pim Fortuyn ging nog verder in zijn weloverwogen generositeit. Het beleidsterrein dat hem het meest aan het hart lag, de integratie van allochtonen in de stad, gaf hij weg. De portefeuille integratie ging naar het CDA. Eerst naar Sjaak van der Tak en daarna, toen deze in 2004 burgemeester werd van Westland, naar Leonard Geluk.

De afgelopen jaren bleek dit een lastige formule. Na de moord op Pim Fortuyn zag Leefbaar Rotterdams boegbeeld Marco Pastors het als zijn taak de islam te agenderen als een geloof dat voor problemen zorgt. Regelmatig passeerde hij zijn CDA-collega's voor integratie met harde, moslim-onvriendelijke uitspraken. Vorig jaar november zag het CDA zich hierdoor gedwongen het vertrouwen in Pastors op te zeggen.

Intussen hoopt zowel het CDA als de VVD op een voortzetting, na de gemeenteraadsverkiezingen, van het huidige college(beleid). Tegelijk zou met name het CDA graag zien dat Leefbaar Rotterdam weliswaar groot genoeg wordt voor zo'n coalitie à trois, maar ook weer niet té groot: dan zal de generositeit van vier jaar geleden zich zeker niet herhalen. Integendeel waarschijnlijk, nu de verhoudingen sinds november vorig jaar zo drastisch zijn verslechterd. De kans dat het CDA aan een college deelneemt waarin Leefbaar Rotterdam de portefeuille integratie beheert, is verwaarloosbaar.

Een andere mogelijkheid is een college met de PvdA, als die de grootste partij wordt. Volgens een recente peiling is dat zeker mogelijk. Zo zouden veel allochtonen overwegen op de PvdA te stemmen. Sinds 2002 is de PvdA met 11 zetels de tweede partij.

Volgens de peiling zou de PvdA in Rotterdam 21 zetels halen als er nu verkiezingen werden gehouden, Leefbaar Rotterdam negen, het CDA vier en de VVD ook vier. Overigens zei de helft van de ondervraagden nog niet zeker te weten of ze straks in het echt ook op deze partijen zullen stemmen. Ook werd de uitkomst mogelijk beïnvloed door de publiciteit rond de 'Rotterdam Code', waarin het college Rotterdammers oproept op straat en thuis Nederlands te spreken. De peiling werd vlak na de presentatie van deze code gehouden.

Vooralsnog hebben Leefbaar Rotterdam en de VVD gezegd in een volgend college niet samen te willen werken met de PvdA. Marco Pastors ziet ook wel een college voor zich mét VVD maar zónder CDA. Het CDA wil wel in een college met de PvdA, maar als tweede optie. Lijsttrekker Peter van Heemst van de PvdA sluit op NieuwRechts na geen enkele mogelijke coalitiepartner uit.