Vader van Ti-Ta-Tovenaar

Lo Hartog van Banda, de schepper van de tv-serie Ti-Ta-Tovenaar die dit seizoen als musical in de Efteling een tweede leven kreeg, is donderdag op 89-jarige leeftijd overleden. Hij was misschien wel de onbekendste schrijver van Nederland, omdat veel van zijn werk anoniem verscheen en werd uitgezonden. Maar tegelijk zijn er maar weinig schrijvers die ooit voor zo'n groot publiek hebben gewerkt. Ook voor een groot aantal beroemd geworden strips schreef hij de scenario's.

Met zijn avontuurlijke aard vertrok Van Hartog Banda op zijn twintigste van zijn geboortestad Den Haag naar het toenmalige Nederlands-Indië, waar hij chef van de advertentie-afdeling van de Deli Courant werd en na de Japanse inval in gevangenschap belandde. Toen hij na de oorlog terugkwam naar Nederland en een gezin kreeg, voelde hij zich verplicht carrière te maken bij een verzekeringsmaatschappij, maar in de avonduren schreef hij voortdurend verhaaltjes voor allerlei bladen. Tot hij in 1955 besloot daar zijn beroep van te maken en solliciteerde bij de stripstudio van Marten Toonder. Daar werd hij de scenarist van strips als Kappie, Koning Hollewijn en Panda - de strip die op de buitenlandse markt betere zaken deed dan Toonders eigen Tom Poes. En hij werkte samen met tekenaars als Thé Tjong King, Dick Matena, Fred Julsing en in de jaren tachtig zelfs met Morris voor wie hij drie scenario's voor Lucky Luke schreef.

Terwijl hij in 1972 samen met Matena de strip De Argonautjes maakte, vroeg de NOS hem een opvolger te bedenken voor de immens populaire Fabeltjeskrant. Dat lukte: Lo Hartog van Banda schiep Ti-Ta-Tovenaar, over de speelse avonturen van een zachtmoedige, ietwat wereldvreemde tovenaar en diens ondernemende dochter Tika die door in haar handen te klappen de tijd stil kon zetten (“Dan doe ik dit... en alles staat stil“) Voor de komische noot zorgde twee knuffelwezens, de Grobbebollen. De slotzin van elke aflevering (“dat zien we morgen dan wel weer“) werd een gevleugelde uitdrukking. In totaal werden er 670 afleveringen van vijf minuten gemaakt, tot de auteur een conflict met de producent kreeg over de auteursrechten. Maar in 1975 keerde hij terug met De bereboot, waarvan er 407 werden uitgezonden.

Hartog van Banda was een onuitputtelijk verhaaltjesverteller, die zelf volop genoot van de ook voor hem verrassende wendingen die zijn vertelsels namen. Juist om die reden kwam hij er nooit toe zijn memoires te schrijven, zei hij in Stripschrift: “Mijn probleem is dat een verhaal dat ik schrijf, ook voor mij verrassingen moet hebben. Die spanning maakt het leuk. Maar mijn eigen leven heeft geen verrassingen meer voor me.“ Wel spande hij zich op hoge leeftijd nog in om een Ti-Ta-Tovenaar-musical te laten maken - en toen die in december in première ging, in aanwezigheid van de trotse Hartog van Banda, bleek zijn schepping nog even sprookjesachtig te zijn als dertig jaar geleden.