Shirov in de lappenmand

Spectaculair falen is een ding, maar Shirov met kolonel Moreau vergelijken is wreed, schrijft Hans Ree

Wat is er toch met Alexei Shirov aan de hand? In zijn boek Fire on Board Part II: 1997-2004, dat vorig jaar uitkwam, toonde hij zich een beetje somber. Zijn persoonlijk leven was in de jaren daarvoor turbulent geweest en dat had zijn schaken ongunstig beïnvloed. Hij hoopte op betere tijden.

Die zijn nog niet aangebroken. In de eerste week van dit jaar haalde hij in het Keres Memorial in Tallin de ongelooflijke score van een half punt uit negen partijen, en in die ene remisepartij had hij ook nog verloren gestaan. Shirov hield de moed er nog in door te zeggen dat het maar een rapidtoernooi was, maar iedereen besefte dat er iets mis met hem was.

In het laatste nummer van New in Chess wordt het Keres Memorial vergeleken met het toernooi van Monte Carlo 1903, omdat het allebei toernooien zouden zijn die onthouden worden door het spectaculaire falen van de man die op de laatste plaats eindigde.

Het is wel een bijzonder wrede vergelijking. In Monte Carlo 1903 scoorde een zekere kolonel Moreau nul punten uit 26 partijen, wat hem in een Amerikaans schaakblad het dubieuze compliment opleverde dat hij “misschien' sterker speelde dat zijn score deed vermoeden. Sinds 1903 is het zo dat als een schaakjournalist de spot wil drijven met een ongeluksvogel, hij hem vergelijkt met de arme kolonel Moreau. Dat het Shirov nog eens zou overkomen had niemand gedacht.

Ook na dat toernooi in Tallin waren de slechte tijden voor Shirov nog niet voorbij; ze werden voortgezet in het Gibtelecom toernooi op Gibraltar. Ik had daar in het begin niet erg op gelet, omdat al mijn aandacht naar het Corustoernooi ging, maar één partij uit Gibraltar kon me niet ontgaan, omdat hij onmiddelijk op allerlei plekken van het internet opdook. Het was een partij die Shirov in 13 zetten had verloren van de Engelsman Peter Wells, en deze keer was het geen rapidpartij, maar een partij met normale bedenktijd.

Als je de namen van de spelers er niet bij zou zien, zou je niet kunnen vermoeden dat Shirov de zwarte stukken voerde. Hij is iemand die altijd graag materiaal offert. Nu leverde hij zich op onbegrijpelijk naïeve manier over aan een snel beslissende koningsaanval, alleen maar om ver van het eigenlijke strijdtoneel een armzalige kwaliteit te kunnen winnen.

Vorig jaar adverteerden de toernooiorganisatoren met de slogan: “Kom naar Gibraltar om te zien hoe Shirov speelt.“ Shirov won toen het toernooi. Deze keer haalde hij tenslotte nog wel een acceptabele score, maar dat kwam vooral doordat hij lang in de achterhoede had geopereerd, tegen zwakke tegenstanders.

Peter Wells - Alexei Shirov, Gibraltar 2006

1. d4 Pf6 2. Lg5 c5 3. Lxf6 gxf6 4. d5 Db6 5. Dc1 f5 6. c4 Lh6 Het begin van een actie die er al op het eerste gezicht heel slecht uitziet. 7. e3 f4 8. exf4 Lxf4 9. Dxf4 Dxb2 10. Pe2 Dxa1 Met ware doodsverachting heeft Shirov zijn dame in een hoekje opgesloten om een kwaliteit te winnen. Hij doet het tegen de verkeerde tegenstander, want Wells heeft een boek over deze Trompowsky-opening geschreven. 11. Pec3 Db2 In zijn boek analyseerde Wells 11...d6 12. Dd2 Tg8 13. Le2, waarna wit volgens hem beter zou staan. Hij heeft gelijk, want zwarts dame komt niet meer uit de val. 12. d6 Dc2 In de stampartij Hodgson - Van der Wiel, Amsterdam 1994, deed zwart het iets beter, maar toch verloor hij snel: 12...Pc6 13. Ld3 exd6 14. 0-0 Pe5 15. Df6 0-0 16. Pd5 Te8 17. Dg5+ Pg6 18. Pf6+ Kg8 19. Dh6+ Ke7 20. Pd5+ Kd8 21. Lxg6 hxg6 22. Pbc3 en zwart gaf op. 13. De3

Zwart gaf op. Na 13...Pc6 14. Ld3 Db2 15. 0-0 staat zwart er met twee tempi minder nog beroerder voor dan Van der Wiel indertijd.

Even dacht ik dat ik ook nog een echte Shirov-partij uit Gibraltar zag, maar bij nadere beschouwing viel dat tegen, want de tegenstand van de Israëlische Klinova was wel erg zwak.

Alexei Shirov - Masha Klinova

1. e4 d6 2. d4 Pf6 3. Pc3 e5 4. Pf3 Pbd7 5. g4 Dit pionoffer introduceerde Shirov in 2003 in een partij tegen Azmaiparasjvili. 5...Pxg4 6. Tg1 Pgf6 7. Lc4 h6 8. Le3 c6 9. dxe5 Tegen Azmai deed hij meteen 9. Dd3, wat minder nauwkeurig was. 9...dxe5 10. Dd3 Dc7 11. Lxf7+ Kxf7 12. Dc4+ Ke7 13. Ph4 Nu had zwart in ieder geval 13...Kd8 moeten spelen. Ik denk niet dat ze het er levend afgebracht zou hebben, maar wat ze doet, zonder meer een toren opgeven, is kansloos. 13...Pb6 14. Pg6+ Ke8 15. Lxb6 axb6 16. Pxh8 g5 17. Pg6 Lc5 18. 0-0-0 Zwart gaf op.