Relatie sociale problemenen stedenbouw gevoelig

In de eerste aflevering van de column `Woensdag` (25 januari) wordt door Bernard Hulsman in enkele pennenstreken het failliet verkondigd van de functionalistische stedenbouw, die achtereenvolgens in verband wordt gebracht met het `monster` Le Corbusier, het `cryptofascistische modernisme`, de rellen in de Franse voorsteden en `de grootste stedenbouwkundige ramp uit de Nederlandse geschiedenis`, de Bijlmermeer. En bovendien met ondergetekende.

Ik ben volgens Hulsman, als degene die Bijlmerontwerper Siegfried Nassuth in 1998 mede een belangrijke oeuvreprijs toekende, ook onderdeel van deze geschiedenis van peilloze maatschappelijke ellende. Erger nog, ik waagde het volgens Hulsman de Bijlmer zelfs te verdedigen met racistische argumenten. Immers, hooguit was de wijk mislukt omdat ik, in de woorden van Hulsman, zou vinden dat er `de verkeerde mensen` waren komen wonen, zoals Surinamers en immigranten.

Le Corbusier kan zich niet meer verdedigen tegen het klakkeloos gelijkstellen van zijn persoonlijke intellectuele erfenis met de zeer beladen en gecompliceerde geschiedenis van de huisvesting der kansarmen. Zijn verdienste dat hij de massawoningbouw (naast zijn verfijnd oeuvre van kerkjes, villa's en paviljoens) überhaupt als architectonische opgave heeft willen adopteren, gaat verloren in Hulsmans retrospectieve verdachtmakerij. Ikzelf kan echter op dit staaltje van karaktermoord nog wel wat terugzeggen.

Het is inderdaad belangrijk na te denken over de wijze waarop stedenbouw sociale problemen helpt voorkomen of mogelijkerwijs juist vergergert. Daarom publiceer ik ook regelmatig over het verband tussen stad en samenleving. Het is echter funest de discussie over sociale problemen te reduceren tot een kwestie van stedenbouw. Een mogelijke relatie tussen twee zaken is niet meteen hetzelfde als een causaal verband. Net zomin is het wetenschappelijk onderkennen van een verandering in de uiteindelijke bevolkingssamenstelling als een mogelijk probleem in het functioneren van een wijk (zoals ik eens over de Bijlmer zei), terug te brengen tot het racistische argument dat de Surinamers de Bijlmer zouden hebben verpest. De column van Bernard Hulsman is een schoolvoorbeeld van hoe stemmingmakerij kan omslaan in smaad.