Onderzoek asielzoeker omstreden

Het omstreden botonderzoek voor het vaststellen van de leeftijd van jonge asielzoekers ligt opnieuw onder vuur. Loes van Willigen, een van de vier leden van de Commissie Leeftijdsonderzoek, is deze week opgestapt.

Zij deed dat naar aanleiding van het deze week gepubliceerde nieuwe protocol over de werkwijze. Van Willigen vindt dat daarin nog steeds onvoldoende waarborgen zijn ingebouwd “om gegoochel met de leeftijdsconclusies“ door onderzoekers te voorkomen.

Volgens het commissielid kan ook met de nieuwe procedure slechts worden vastgesteld of een asielzoeker jonger dan 15 jaar is of ouder dan 20 jaar.

De botscan wordt namens de Immigratie- en Naturalisatiedienst gedaan. Het leeftijdsonderzoek zou in het verleden niet altijd de juiste leeftijd hebben opgeleverd. Naar aanleiding van die kritiek stelde minister Verdonk (Vreemdelingenzaken, VVD) een onafhankelijke commissie in. De commissie moest toezicht houden op de werkwijze.

Deze commissie constateerde eind 2004 dat de botscan een “acceptabel instrument is“. Alleen moest er een duidelijker protocol voor de werkwijze komen om beter te kunnen inschatten of leeftijdsonderzoek wel echt nodig was. Dat herziene protocol is deze week door het ministerie van Justitie naar buiten gebracht.

De botscan wordt nu gedaan als er twijfel bestaat over de leeftijd van een minderjarige asielzoeker. Omdat het nemen van röntgenfoto's gezondheidsschade kan opleveren, moet de noodzaak van een botscan telkens opnieuw scherp worden afgewogen.

Voor een jonge asielzoeker is het evenwel belangrijk om te kunnen bewijzen dat hij of zij jonger dan achttien jaar is. Een minderjarige asielzoeker heeft namelijk meer rechten dan een meerderjarige asielzoeker.