Nog veel vragen over Van der Hoop

De Nederlandsche Bank heeft afdoende toezicht gehouden op Van der Hoop, zegt de minister na onderzoek door de centrale bank. Toch is nog veel onduidelijk over het toezicht op de failliete bank.

Voor een nadere toelichting, schreef Nout Wellink deze week beleefd aan Gerrit Zalm, “houden wij ons gaarne beschikbaar“. Het was de brief aan de minister van Financiën waarmee de president van De Nederlandsche Bank (DNB) het rapport inleidde dat de centrale bank heeft opgesteld over het faillissement, eind vorig jaar, van de bank Van der Hoop.

Zou Zalm van het aanbod van Wellink gebruik maken? Het DNB-rapport beantwoordt vele vragen, maar laat er ook nogal wat open.

Ruim zeven weken heeft De Nederlandsche Bank aan het onderzoek gewerkt. Minister Zalm nam er twee dagen voor, voor hij het rapport van DNB - en het parallel opgemaakte rapport van die ándere financiële toezichthouder, AFM - bijna integraal naar de Tweede Kamer stuurde.

Belangrijkste conclusie: De Nederlandsche Bank heeft al vanaf 1996 een oogje in het zeil gehouden bij de Amsterdamse bank. Maar het soort toezicht dat de centrale bank uitoefent, zegt DNB in zijn algemeenheid, “kan niet garanderen dat er geen deconfitures plaatsvinden“. Minister Zalm concludeert dast DNB heeft aangegeven dat “extra toezichtinstrumenten het faillissement van Van der Hoop niet hadden kunnen voorkomen“. Het toezicht, kortom, op Van der Hoop was op zich afdoende, maar heeft het faillissement niet kunnen stuiten.

Over de gebruikte “toezichtsinstrumenten“ doet DNB in haar rapport een boekje open. Vanaf 1996 heeft de toezichthouder “vrijwel continu“ ongerustheid geuit over de kwaliteit van het management en de bedrijfsvoering. “Geregeld“ heeft DNB “aanbevelingen ter verbetering“ gedaan.

Van 2002 tot half 2003 wordt het toezicht verder opgevoerd: er wordt maandelijks overleg gevoerd. Daarna ziet DNB bij Van der Hoop verbetering optreden en neemt de “verhoogde toezichtintensiteit“ af.

Maar dan, in mei 2005, ontstaat een “crisissituatie“ bij Van der Hoop, na het afketsen van een overname. DNB houdt voortaan “op dagbasis“ de solvabiliteits- en liquiditeitsontwikkelingen bij. “Formele toezichtsmaatregelen“ neemt de toezichthouder niet omdat de bank zelf, onder leiding van crisismanager Erik van de Merwe en de nieuwe president-commissaris Walter Baars, “de noodzakelijke stappen“ zet om het bedrijf “in een veilige haven te loodsen“.

Die stappen zijn kennelijk niet genoeg, want DNB biedt tweemaal liquiditeitssteun en overweegt begin juli een Noodregeling toe te laten passen, vergelijkbaar met het aanvragen van uitstel van betaling. Dat dit niet gebeurt, komt doordat de bank op het laatste moment een financiële injectie krijgt van drie andere banken.

De Noodregeling wordt uiteindelijk wel aangevraagd, en verleend, op vrijdagavond 9 december. Die middag haakt een tweede overnamekandidaat af en ziet DNB kennelijk geen andere uitweg meer. Een week later heeft deze surseance niet het beoogde effect: de rechter spreekt het faillissement uit.

De vraag die veel mensen bij Van der Hoop zelf hebben is of die Noodregeling wel de enige uitweg was. De bank was op dat moment al grondig gesaneerd, en de financiële positie niet in acuut gevaar. Bovendien waren er, behalve de afhakende koper, andere partijen geïnteresseerd in een overname.

Wat verder opvalt: het jaar 2004 wordt in het rapport van DNB gevoegelijk overgeslagen. Waarom? In dat jaar moet toch achter de schermen meer bekend zijn geweest van het onheil dat naderde?

Volgens een inmiddels oud-manager van de bank heeft DNB zich in dat jaar wel degelijk intensief bemoeid met Van der Hoop. “Iedere maand hield iemand spreekuur.“ Ook zou DNB, in december, een bepalende rol hebben gespeeld bij de benoeming van president-commissaris Baars (afkomstig van ABN Amro) en later van interim-manager Van de Merwe (van Fortis). Geen woord daarover in het DNB-rapport.

Over toezicht gesproken: ook de rol van de commissarissen van Van der Hoop is volledig buiten beschouwing gelaten. Dat zijn toch de primaire toezichthouders?

Frank Heemskerk, voor de PvdA lid van de vaste Tweede-Kamercommissie van Financiën, heeft al aangekondigd met nadere vragen te komen. Hij zal in elk geval antwoord willen krijgen op de basisvraag waarom Van der Hoop nu eigenlijk failliet is gegaan. “Daarop“, zegt Heemskerk, “heeft Zalm geen onderbouwd antwoord gegeven.“