'Kyoto is te laat en te weinig'

Hij was milieu-activist, maar klom uit de bomen om te gaan publiceren over klimaatverandering en de opwarming van de aarde.

Terwijl we praten in zijn kleine werkhut in de achtertuin van zijn huis in Wolvercote, een dorp in de buurt van Oxford, wordt het hout voor de winterstook gebracht. Mark Lynas, schrijver van Het nieuwe weer (High Tide), een reisboek over de symptomen van het broeikaseffect over de hele wereld, van Alaska tot Peru, legt me geduldig uit waarom het stoken van hout niet schadelijk is voor het milieu. Hij is nog jong, tweeëndertig, maar heeft al een leven als activist achter de rug. 'Mijn vader is geoloog en ik heb een deel van mijn kindertijd in Peru doorgebracht. Ik denk dat de besneeuwde bergen daar meer indruk op me gemaakt hebben dan wat dan ook in mijn leven. Tegelijk herinner ik me het mijnstadje La Oroya, waar alles hopeloos vervuild was en de kinderen lood in hun bloed hadden en de plaatselijke rivier een eigenaardige, helgroene kleur had. Ik was tien, maar ik kan me het gevoel van claustrofobie dat me daar overviel heel goed herinneren. Ik was een normaal kind, speelde computerspelletjes, maar maakte me ook druk over uitlaatgassen en of we niet te vaak de auto gebruikten om boodschappen te doen. Later werd ik fulltime activist, ik was dag en nacht betrokken bij protestcampagnes, verschanste me in bomen om de aanleg van een tweede startbaan bij Manchester Airport te verhinderen, en was ook lid van een anarchistische organisatie die Reclaim the Streets heet. We bezetten drukke straten, legden het verkeer stil en organiseerden feesten. Maar het harde actiewezen was niet echt iets voor mij. Ik was meestal degene die de contacten met de pers onderhield, ook al omdat de anderen vaak weigerden met de media te praten. Die waren immers in handen van tycoons als Rupert Murdoch. Ik had toen al grote bezwaren tegen de ideologische overtuigingen van de anarchisten.'

Waaruit bestonden die? 'Mijn grootste bezwaar was dat de harde kern van de milieubeweging in Engeland steeds verder verwijderd raakte van het gewone publiek. In plaats van anderen te willen overtuigen van hun standpunten, zochten ze steeds meer het isolement en raakten gemarginaliseerd. Wat heeft het voor zin protesten te organiseren, spandoeken te maken en dan vervolgens te weigeren met de media te spreken omdat je hen als onderdeel ziet van een verfoeilijk systeem? Zo stompzinnig kun je het toch niet bedenken? Ik heb mezelf losgemaakt.'

Zijn boek is duidelijk bedoeld voor een algemeen publiek, geen preek voor mensen die toch al bekeerd zijn. Is het ook een poging om een onderwerp als het opwarmen van de aarde los te maken van al te gemakkelijke associaties met de linkse milieubeweging? Lynas: 'Het probleem van de klimaatverandering heeft geen ideologische achtergrond. Mij maakt het niet uit of ik ultrarechtse Tories of socialistische arbeiders aan mijn zijde vind. Ik mijd het woord 'milieu' ook zoveel mogelijk, vanwege die associaties. Traditioneel heeft links meer op met de kwestie van klimaatverandering, maar tegenwoordig kun je dat eigenlijk niet meer zeggen. De Engelse Conservatieven zijn bezig Labour links in te halen op dat gebied. Het is de verdienste van Tony Blair dat hij het onderwerp nationaal en internationaal op de agenda heeft gezet, maar hij heeft vervolgens nagelaten er iets concreets aan te doen. Zijn regering heeft meer geld uitgegeven aan het aanleggen van nieuwe snelwegen dan aan de oorlog in Irak.'

Zes graden

In zijn boek schetst Lynas een afgewogen beeld van de gevolgen van klimaatverandering: hevige regenval hier, elders aanhoudende droogte, stijgende temperaturen, smeltende ijskappen, overstromingen en heviger orkanen. Wanneer de uitstoot van co2 niet drastisch wordt verminderd, zal de temperatuur van de aarde verder stijgen - de somberste scenario's voorspellen een stijging van bijna zes graden, wat gelijk staat aan een klimatologisch Armageddon. Eén graad is onvermijdelijk, zegt Lynas. In het beste geval komen we uit op twee graden. Maar één graad betekent al het einde van de koraalriffen. Waarom heeft het zo lang geduurd voordat klimaatverandering als een ernstige bedreiging werd gezien?

'Je hoeft geen groot psycholoog te zijn om te zien dat het om een klassiek geval van ontkenning gaat. Op de voorpagina's van de kranten hier staan tegenwoordig grote artikelen over hoe erg de gevolgen van klimaatverandering zijn, maar daarnaast staan gewoon weer stukken waarin de lezers wordt verteld hoe ze voor een habbekrats de hele wereld over kunnen vliegen. Mensen zijn inventieve wezens, ze zijn in staat de meest briljante vindingen te doen, maar ze zijn ook slecht uitgerust om langzame processen te herkennen. Het is als met een kikker en kokend water - wanneer je een kikker in kokend water gooit, springt hij er snel uit, verhit je water langzaam tot het kookpunt, met de kikker erin, dan doet hij niets en sterft een langzame dood. Men reageert snel op een crisis als de tsunami, maar men bereidt zich er bar slecht op voor. We laten het eerst gebeuren en zetten er dan met z'n allen onze schouders onder. Pogen klimaatverandering tegen te gaan is zoiets als de Tweede Wereldoorlog voorkomen door de Europese Unie al in 1939 op te richten. Er is geen precedent. Bedenk dat het hier om een radicale ommekeer gaat. Fossiele brandstoffen vormen de energiebasis van onze industriële beschaving. Het is niet zoals met de ozonlaag, een kwestie van schadelijke cfk's uit ijskasten door iets anders vervangen. Dat was een zuiver technische aangelegenheid. Men probeert een dergelijke aanpak ook op de klimaatverandering toe te passen, door bijvoorbeeld nieuwe bomen te planten die de toename van co2 uitstoot moeten opvangen. Maar zo eenvoudig is het helaas niet. Ik distantieer me ook van milieuorganisaties, zoals Friends of the Earth, die doen alsof het wèl zo eenvoudig is, die denken dat het vanzelf goed komt als we maar genoeg zonnepanelen en windturbines neerzetten. Fossiele brandstoffen zijn ongelooflijk goedkoop, het gaat om een zeer geconcentreerde vorm van energie. Ze zijn gevormd door het zonlicht in voorbije tijden. Je kunt stellen dat wij nu per jaar vierhonderd jaar aan zonlicht consumeren. Van ons wordt nu gevraagd van vierhonderd jaar zonlicht naar een consumptie van één jaar terug te gaan - want dat is de energie die kan worden opgewekt met duurzame energie, zoals zonne- en windenergie. Dat vraagt veel van ons, en je moet niet doen alsof dat een-twee-drie te realiseren valt.'

Abstract

Is een van de redenen dat mensen zo moeilijk in beweging te krijgen zijn wanneer het over klimaatverandering gaat, dat het onderwerp simpelweg te abstract is? De waarneembare gevolgen spelen zich af in verre oorden, zoals Alaska of Oceanië, of in de toekomst. 'Zeker. Oorzaak en gevolg hebben ogenschijnlijk geen logisch verband. Ons gedrag hier zorgt ervoor dat mensen in Bangladesh moeten vluchten voor stijgend water, en onze huidige omgang met de auto heeft over vijftig jaar nog altijd invloed op het klimaat. Het is geen intuïtieve aangelegenheid. Als je moet hoesten omdat er een eind verderop een fabriek staat die de lucht vervuilt, dan is het gemakkelijk tot actie over te gaan. Bovendien dwingt het broeikaseffect ons met een beschuldigende vinger naar onszelf te wijzen. Je ziet het nog steeds, ook nu het besef van de ernst van het probleem steeds meer tot ons doordringt - het is de ander die het gedaan heeft, of die nu George W. Bush heet of Exxon Mobile. Maar wie van ons kan zichzelf helemaal vrijpleiten? Wat Amerika betreft, dat ontwikkelingslanden geen zin hebben om hun uitstoot drastisch te beperken, is nog wel te begrijpen, maar dat het rijkste land ter wereld, en de grootste vervuiler, weigert ook maar een vinger uit te steken is moreel verwerpelijk. Natuurlijk begrijp ik de mensen die werken in de olie-industrie van Alaska, ze kunnen eindelijk hun gezin goed onderhouden. Maar dat betekent niet dat ze niet moreel verantwoordelijk zijn voor hun eigen daden.'

Flexibele feiten

Een probleem lijkt mij dat men zo gemakkelijk onder verantwoordelijkheid uit kan, juist omdat de wetenschappelijke feiten over klimaatverandering meestal onzeker en soms ook verbazingwekkend flexibel zijn. En verwarrend: in zijn boek beschrijft Lynas een Engeland waarin 's winters nauwelijks meer sneeuw valt, terwijl door de ophanden zijnde verstoring van de Golfstroom juist een nieuwe ijstijd mogelijk wordt geacht.

'Ik weet het, het is een houding die veel mensen jegens de wetenschap hebben. Het ene jaar wordt je verteld dat je margarine moet eten, het volgende wordt je met klem verzocht toch vooral boter te gebruiken. Maar klimaatverandering is een redelijk helder begrip. Het verhaal over de Golfstroom is wat moeilijker te bevatten, omdat het onlogisch lijkt: in een bepaalde regio zal het kouder worden in plaats van warmer. Maar algemeen kun je toch echt wel zeggen dat het bewustzijn van het probleem groeit en de invloed van de sceptici afkalft. En het zijn niet zozeer de milieuactivisten die het pleit beslecht hebben, maar de wetenschappers. Er lopen nog een stuk of zes sceptici rond. Die durven het wel op te nemen tegen de activisten, maar niet tegen de kennis van de wetenschappers. Ik ga ook niet meer in debat met sceptici die ontkennen dat de aarde warmer wordt of dat er een relatie bestaat tussen de uitstoot van co2 en het warmer worden van de aarde. Om dezelfde reden dat een man als Richard Dawkins hier in Oxford niet wil debatteren met creationisten. Het is tijdverspilling en bovendien wek je dan de indruk dat het om twee gelijkwaardige posities gaat. De media willen voortdurend zo'n debat, maar ik zeg altijd wanneer ze bellen: wanneer er een ruimteveer de lucht ingaat, laat je toch ook niet iedere keer The Flat Earth Society aan het woord?

'Anders dan wel wordt gedacht heeft de Amerikaanse regering nooit gezegd dat er niet zoiets als klimaatverandering bestaat. Ze zeggen altijd: er is meer onderzoek nodig. Dat is ongetwijfeld waar, en alle wetenschappers zeggen dat zelf ook. Maar het feit dat er wetenschappelijke onzekerheid over een aantal zaken bestaat, wil niet automatisch zeggen dat het wel mee zal vallen met de dreiging. Uit het onderzoek voor mijn nieuwe boek blijkt dat sommige scenario's juist veel te optimistisch zijn geweest. Zo werd altijd voorspeld dat bij toenemende opwarming van de aarde in het jaar 2100 zo'n 25 procent van de Golfstroom tot stilstand zou zijn gekomen. Maar op een onderzoeksschip op de Atlantische Oceaan, ontdekte men recentelijk dat nu al 30 procent niet meer stroomt.'

Kernenergie

Het toenemende pessimisme over de cijfers heeft opvallende veranderingen in het debat teweeggebracht. Sommige mensen, zoals de bejaarde Engelse wetenschapper James Lovelock, pleiten voor een radicale herwaardering van kernenergie. Het verdrag van Kyoto, waarin gesteld wordt dat de uitstoot van broeikasgassen door industriestaten vóór 2012 met vijf procent moet worden teruggebracht ten opzichte van 1990, beschouwen ze als een druppel op een gloeiende plaat.

'Dat laatste is waar. Kyoto zal geen enkel verschil maken, het is te laat en het is te weinig. Maar de oplossing is niet domweg roepen dat we meer kernenergie moeten hebben. Want dat houdt in dat je in de komende twintig jaar een paar honderd nucleaire installaties zult moeten bouwen en daar hebben we helemaal niet genoeg uranium voor. Het is bovendien erg duur, en de vraag is of ontwikkelingslanden het kunnen betalen. Ik zie het zelf nu ook als een optie, tegen mijn oude overtuigingen in, maar alleen als de oplossing van een klein deel van het probleem. Uiteindelijk zullen we echt veel minder energie moeten gaan gebruiken, daar kunnen we niet omheen.'

Dat voormalige felle tegenstanders van kernenergie ineens pleiten voor meer kerncentrales zal de scepsis van het grote publiek niet kleiner maken. Valt milieuorganisaties geen paniekerigheid en hysterie te verwijten, zoals in geval van de acties tegen het tot zinken brengen van de Brent Spar, het laadstation voor olietankers? 'Tot op zekere hoogte. Wanneer ik in mijn nieuwe boek feiten aanhaal, verwijs ik ook niet naar de fact sheets van Greenpeace, maar enkel naar solide wetenschappelijke publicaties. Maar in het algemeen kun je niet zeggen dat zulke organisaties de boel overdrijven en ook niet dat ze het vaak bij het verkeerde eind hebben. Neem de kwestie rond de Brent Spar. Inderdaad zouden de plannen van Shell minder schade aan het milieu hebben toegebracht dan men dacht. Maar zo'n vergissing valt toch echt in het niet wanneer je ze naast de fouten legt die door de grote industrieën zijn gemaakt.'

Het bewustzijn van de ernst van de zaak strekt zich nu ook uit tot de oliemaatschappijen zelf. Wat denkt Lynas van de nieuwe betrokkenheid bij het milieu van ondernemingen als Shell en bp? 'Ze nemen het probleem serieus, het zijn geen loze public relations-praatjes. Daar moet je zeker niet neerbuigend over doen. Alleen zijn die maatschappijen wel aan handen en voeten gebonden. Ze zijn afhankelijk van aandeelhouders en olie is een ongelooflijk winstgevende business. Dankzij de hoge olieprijs zijn de afgelopen jaren formidabele winsten geboekt. Dat maakt de stimulans om naar alternatieven te zoeken bepaald niet groter.'

Geen daadkracht

Is dat ook niet het probleem in het algemeen? Lynas zegt zelf dat het bewustzijn van de desastreuze gevolgen van het broeikaseffect nog nooit zo groot is geweest, en de zorg daarover nog niet eerder zo algemeen werd gedeeld. Maar men aarzelt iedere keer wanneer het op daadkracht aankomt. Vooral in Amerika bespaart de burger nog liever op kleding en voedsel dan op zijn benzine, ongeacht de hoogte van de olieprijs. 'Iedereen die er toe doet in de industriële wereld is op de hoogte van het gevaar van klimaatverandering. Ook de bedrijven die vervuilen en daarom mag je verwachten dat men in beweging komt. En heus, dat gebeurt ook. De Europese richtlijn voor handel in emissierechten, waarbij bedrijven moeten betalen voor hun vervuiling, is een grote stap in de goede richting. Niet voor niets zijn de Verenigde Staten daar doodsbang voor, zoiets kunnen zij zich nog helemaal niet voorstellen. Wanneer de luchtvaart daar bij betrokken wordt, kan ook de groei in vluchten gereguleerd worden. De totale uitstoot van schadelijke gassen neemt daarmee nauwelijks af, dat is waar, maar het zijn toch meer dan symbolische maatregelen. Ik ben niet zo'n optimist, ik denk dat de klimaatverandering nauwelijks te keren valt, maar we moeten alles op alles zetten om in ieder geval erger te voorkomen.'

Veel mensen denken ook dat het hun tijd wel zal duren. Bovendien is er een instinctief geloof dat de aarde alles wel zal overleven. De natuur heeft zich altijd aan de mens weten aan te passen, zeggen zij.

'Dat soort langetermijn-denken wordt aangemoedigd door geologen, die in perioden van miljoenen jaren denken. Het menselijke ras zal op termijn uitsterven, denken zij, jammer dan. Maar het zal niet lang duren voordat de natuur harde klappen krijgt, en de mens dus ook. Wanneer de aarde opwarmt volgens de somberste scenario's zal de helft tot driekwart van de levende diersoorten het niet overleven. De meeste ecosystemen zullen zich niet weten aan te passen. Al die zaken houden verband met elkaar, die systemen zorgen dat onze lucht en ons water schoon is. Mensen beseffen niet hoezeer ze nog altijd van de natuur afhankelijk zijn.'

Het boek waar Lynas nu aan werkt, zal Six Degrees gaan heten en schetst de waarschijnlijke scenario's die de wereld te wachten staan wanneer de aarde verder opwarmt, in het ergste geval met zes graden. Bestaat het gevaar niet dat men zich moedeloos van het probleem afkeert, omdat het voor een individu simpelweg te groot is om te bevatten? 'Maar een individu kan heel eenvoudig een bijdrage leveren, hoor. Er is niets gemakkelijker dan overgaan op groene stroom, dubbele beglazing laten installeren, enzovoort. Om werkelijk grote veranderingen te bewerkstelligen is een massale inzet nodig, dat is waar. Je verandert de wereld niet door te feesten. Het is nodig je in de materie te verdiepen, de straat op te gaan, actie te voeren, je stem te laten horen. Het zal nog heel wat inspanning vereisen voordat een omslagpunt in het algemene bewustzijn plaatsvindt. Maar er is al wel heel veel veranderd. Klimaatverandering als onderwerp is voortdurend aanwezig in de media. Daarom komt mijn tweede boek niet af, ik moet voortdurend opdraven. Maar ik heb tien jaar op dit moment gewacht. Mijn enige angst is dat de belangstelling voor het onderwerp cyclisch zal blijken te zijn, zoals dat het geval was met de onzonlaag. Op een gegeven moment raakt men overvoerd en verliest men zijn belangstelling.'

Maar komt met toenemende bewustwording ook niet het gevaar van overinterpretatie? Mensen die een krokus te vroeg uit de grond zien komen, zijn steeds meer geneigd om daar het broeikaseffect bij te halen.

'Maar waarschijnlijk hebben ze gewoon gelijk, hoor. De effecten van klimaatverandering zijn nu zichtbaar in onze eigen omgeving. Ik zie in de tuin van de buurman allerlei dingen opkomen die pas over een paar maanden zouden moeten bloeien. Nu zal dat veel mensen weinig kunnen schelen, die gaan hun auto niet aan de kant zetten omdat een krokus anders te vroeg gaat bloeien. Ik zal ook niet beweren dat het broeikaseffect voor heel veel mensen nu een zaak van leven of dood is, het vormt op dit moment geen acute dreiging voor de mensheid. Maar juist daarom is het zo'n groot probleem, want wanneer die crisis zich wel aandient, is het te laat. Bovendien staat het probleem van klimaatverandering in verband met allerlei andere, meer acute problemen, zoals de crisis in de biodiversiteit. Een recente studie van de Verenigde Naties stelt dat tweederde van de ecosystemen die de mensheid ondersteunen hevig aangetast zijn. Daarachter doemt het spook van de klimaatverandering op. Die krokus in je achtertuin probeert je te waarschuwen, laten we het daarop houden.'

Mark Lynas: Het nieuwe weer. Uitgeverij De Arbeiderspers.

Prijs: € 18,95.

Bas Heijne is redacteur van NRC Handelsblad.

Alex MacNaughton is fotograaf in Londen.

[streamers]

'Wij consumeren per jaar vierhonderd jaar aan zonlicht.'

'We moeten gewoon veel minder energie gaan gebruiken.'