Kieseritzky's

Al was het vriendenclubje waar ik op bezoek was geen officiële schaakvereniging, er was toch een strenge hiërarchie. De beste spelers werden de Aljechins genoemd, de iets minder sterke waren de Euwe's en de laagste categorie bestond uit de Kieseritzky's.

Lionel Kieseritzky (1806-1853) is alleen nog beroemd door een verliespartij tegen Adolf Anderssen, een partij die nog steeds 'de onsterfelijke' wordt genoemd. Ook wordt zijn doodsbericht in de Wiener Schachzeitung nog wel eens geciteerd, waarin stond dat hij stierf zoals hij geleefd had, arm en alleen, door weinigen gekend en door niemand betreurd. Slechts één man zou zijn kist hebben gevolgd, de kellner van het Parijse schaakcafé La Régence. Toen de FIDE in 1931 overwoog om een hulpfonds voor noodlijdende schakers in te stellen, werd Kieseritzky als voorbeeld genoemd.

In zijn geboortestad Dorpat, die tegenwoordig Tartu heet en in Estland ligt, was Kieseritzky een respectabel wiskundeleraar, maar in 1839 week hij uit naar Parijs om daar het hachelijke bestaan van beroepsschaker te leiden. Hij moest wel, want in Dorpat deden kwade praatjes over hem de ronde, naar het schijnt over een incestueuze verhouding met zijn zuster.

Zo lijkt zijn korte leven een grote mislukking, maar in feite viel het mee. Een statisticus heeft uitgerekend dat Kieseritzky rond 1850 de sterkste schaker ter wereld was. Erg arm was hij ook niet, want hij kon geregeld geldbedragen overmaken naar zijn zuster in Dorpat. De Kieseritzky's van het schaakclubje hoeven zich niet te schamen voor hun bijnaam.

Schulten-Kieseritzky, Parijs 1844. Zwart begint en wint.

Oplossing Schaken: 1...Dh4xh3+ 2. Kg2xh3 Pg4-e3+ 3. Kh3-h4 Pd4-f3+ 4. Kh4-h5 Lc8-g4 mat.