Degradeer klassieke poezië niet tot antiek fenomeen

In zijn artikel `Zonder kritiek wordt niemand groot - tegen het romantische beeld van poëzie` (NRC Handelsblad, 21 januari) schetst Thomas Vaessens onder meer een beeld van academische colleges poëzieanalyse dat zeer herkenbaar is. Ook in de inleidende cursussen die ik aan de Universiteit Utrecht in dat vak geef zijn tal van studenten aanwezig die nauwelijks te stillen zijn in hun pas op de plaats, want rusteloos, snel afgeleid en bovendien met ogen leeg.

Ofschoon Vaessens meent dat de klassieke poëzieanalyse `blijvend relevant` is, is zijn reactie op het onbegrip en onvermogen van de beginnende student er een die zowel voor de poëzie als de neerlandistiek nadelig is. Door in het onderwijs dan maar het accent te leggen op de moderne en modieuze dimensies van een bepaalde jongerencultuur wordt ongetwijfeld aangesloten bij de beleveningswereld van de doorsnee eerstejaars student. Niettemin ben ik ervan overtuigd dat een andere reactie de voorkeur verdient: degradeer de zogenaamde klassieke wereld van de poëzie niet tot een antiek fenomeen en breng de student een attitude bij waardoor hij inziet dat stilte en concentratie gemeenlijk noodzakelijke voorwaarden zijn om die poëzie te kunnen analyseren en interpreteren. Het is mijn ervaring dat aldus aan het eind van een cursus poëzieanalyse de leegheid uit de ogen van de meeste studenten echt grotendeels verdwenen is.