Van Atlantis tot Utopia

De roman Mogelijkheid van een eiland van Michel Houellebecq heeft in Frankrijk enorme weerstand opgeroepen. Volgens de Vlaamse literatuurcriticus Bart van der Straeten omdat Houellebecq de overgang beschrijft van een humane tijd naar een post-humane tijd. “En die shift is voor de bij uitstek in een humanistische traditie staande Franse literaire kritiek, en voor veel andere humanisten onverteerbaar'.

Zouden we in Nederland een minder humanistische traditie hebben? Houellebecqs romans worden hier welwillend ontvangen en prikkelen, zonder noemenswaardig protest uit te lokken, de discussie over de maatschappij waarin wij leven. De redactie van De Gids gebruikte Mogelijkheid van een eiland als aanleiding voor een (gedeeltelijk) themanummer over utopie en dystopie in de literatuur. Omdat de ideale mensengemeenschappen waar utopisten over schrijven, zich van oudsher op eilanden bevinden, wordt de cover van De Gids gesierd door een spectaculaire MTV-clip-achtige foto van Gerald van der Kaap met de titel “Eiland'. O tempora, o mores - het eerbiedwaardige tijdschrift dat in 1837 werd opgericht door Potgieter biedt ons de aanblik van twee zeer uitdagende zwarte dames, waarschijnlijk in het uitgaansleven van Curaçao. Je kunt er op talloze manieren naar kijken. De foto geeft op het eerste gezicht een vrolijk idee van volstrekte vrijheid, maar is ook beklemmend. Deze uitsnede van een droomeiland heeft veel weg van een bordeel.

De vrijheidsutopie die in de praktijk moet uitdraaien op helse aanpassing en onderwerping is het thema van de drie dragende essays, bewerkte lezingen van Marja Brouwers, Hans Achterhuis en Dirk van Weelden. De meest erudiete tekst is van Brouwers die bij Atlantis begint en via Utopia van Thomas More uitkomt bij Aldous Huxley en Michel Houellebecq. Die laatste twee stellen als 20ste-eeuwse utopisten dezelfde oplossing voor als Tommasso Campanella in 1623: “Ieder utopisch systeem transformeert in de praktijk zonder nadere aanmoediging tot een sadistisch universum [...] De individuele kansen op geluk zijn van nature ongelijk verdeeld en daarmee begint de individuele ellende'.

In andere woorden zegt Dirk van Weelden in zijn essay “Altijd weer een eiland' hetzelfde: “Utopieën moeten gelezen worden als aanschouwelijke toelichting op de onmogelijkheid van geluk en recht op aarde. Om erachter te komen hoe het komt dat er nooit een toestand van ware vrede, recht voor allen en universeel geluk zal zijn kan je de maatschappelijke werkelijkheid en haar historische dimensie gaan onderzoeken'.

De Gids bevat meer noviteiten dan een kleurrijke, opwindende cover. In het redactioneel kondigt Dirk van Weelden een serie aan waarin een schrijver of liefhebber een beschouwing schrijft naar aanleiding van een recente Nederlandse roman. Een prachtig initiatief, omdat in de meeste literaire tijdschriften de literaire kritiek een ondergeschoven kind is geworden. Maar doe het dan niet zoals in deze Gids Ger Thijs, die naar aanleiding van de door hem maar half gelezen roman De Verdronkene niet alleen de vloer aanveegt met dit boek van Margriet de Moor, maar en passant met de hele wereldliteratuur, voor zover die niet voldoet aan zijn smaak en - zeer beperkte - literatuuropvatting.

De Gids 2006 / januari. Balans , euro 7,75