'Stad moet solidair zijn met dorpen'

Het Europese platteland wordt vaak gezien als een achterlijk gebied dat steun verdient. Maar er zijn ook welvarende regio's bij steden. Hoe voorkom je dat dit landschap wordt verpest en het domein wordt van een stadselite?

DEN HAAG, 2 FEBR. - Het is nieuw en het heet NIMRUR. Het betekent Not In My Rural Area en de uitdrukking is verzonnen door Europese onderzoekers. Om de houding te karakteriseren van bewoners van het platteland ten noordwesten van Parijs ten opzichte van steden in de buurt. De bewoners van het regionaal park Vexin Français willen niet te veel met buitenstaanders te maken hebben. Je zou in het park waar zij wonen meer fietsroutes en horeca kunnen vestigen voor stadsbewoners die de drukte even willen ontvluchten. Je zou kansarme jongeren uit de nieuwe stad Cergy Pontoise in boerderijen kunnen laten wonen. Maar die zouden de rust verstoren. 'Ze komen er gewoon niet in”, zegt Greet Overbeek, leider van een Europees onderzoek naar de verhouding tussen stad en platteland. 'De mensen leven er als in een gated community. Ze willen het landschap en de rust voor zichzelf houden en wonen in dure huizen die alleen nieuwkomers kunnen betalen. Ze hebben uitstekende banen in Parijs waar ze met de frequente treinen gemakkelijk naartoe reizen. Dat leven willen ze graag zo houden.'

De relatie tussen platteland en nabijgelegen steden is onderwerp van een omvangrijk EU-onderzoek dat op initiatief van Nederland is verricht in Finland, Frankrijk, Hongarije, Nederland en Spanje. In deze vijf landen werden tien plattelandsregio's onderzocht, vijf onder de rook van een grote stad, vijf in de buurt van drukke toeristische gebieden. Een vernieuwend onderzoek, vinden de wetenschappers zelf, want doorgaans gaat de aandacht van Brussel voor het platteland vooral uit naar achtergebleven gebieden, naar 'spookdorpen' waaruit veel vitale bewoners zijn weggetrokken. Dit onderzoek beschrijft plattelandsregio's die onder 'stedelijke druk' staan door een 'vlucht uit de bijenkorf' naar het platteland. Gebieden die aantrekkelijk zijn voor golfbanen en grote huizen met zwembaden te bouwen, maar die daardoor ook hun karakter, 'identiteit' kunnen verliezen.

Frankrijk en Nederland hebben volgens de onderzoekers van oudsher een tamelijk positieve visie op het platteland. Daar leven de mensen gezonder en de schoonheid van het landschap overtreft die van de stad. Beide landen hebben ook pogingen gedaan om deze gebieden planologisch te beschermen. Daarentegen heerst in Spanje en ook wel in Hongarije veel meer de idee dat het platteland bijna per definitie een achterlijk gebied is. 'Het platteland is in Spanje min of meer vogelvrij om de ontwikkeling van sterke steden mogelijk te maken. Die worden immers gezien als motor van de economie”, zegt Greet Overbeek van het Landbouw Economisch Instituut (LEI) in Den Haag. In het Spaanse onderzoeksgebied, Camp de Turia nabij Valencia, zijn de laatste jaren vele woningen gebouwd, en golfbanen aangelegd. 'Spanje is booming”, zegt ze.

De mening over stad en platteland hangt behalve van nationale sentimenten ook af van de positie van de bewoners. Vraag autochtone dorpelingen of zij bang zijn dat zij door de grote stad in de buurt worden overruled, en het antwoord is meestal bevestigend. Dorpelingen storen zich aan nieuwkomers die hun taal niet spreken, klagen over agrarische luchtjes, niet groeten en de buurtsuper links laten liggen. Overbeek: 'Stedelingen trekken niet in de eerste plaats naar het platteland omdat het daar zo gezellig wonen is. Ze willen vooral meer ruimte, meer vierkante meters voor dezelfde prijs, een huis met zwembad.'

Toch wijzen veel dorpelingen de komst van stedelingen niet af, want daarvoor is de groei van de welvaart meestal te groot. En zijn de nieuwkomers ingeburgerd, dan zijn zij vaak de eersten om de gevonden landelijke rust te willen bewaren en NIMRUR-gedrag te vertonen. 'Veel dorpelingen steunen tegenwoordig de boeren, omdat de aanwezigheid van boeren garandeert dat zij hun mooie uitzicht houden”, aldus Overbeek. In toeristische gebieden, zoals de Zeeuwse eilanden, wordt de verstedelijking minder bedreigend gevonden. Zeeland voert campagne om stadsbewoners te lokken. 'Voor Rotterdammers is Schouwen nog net voldoende dichtbij om er te gaan wonen en in Rotterdam te blijven werken.'

De stad en het platteland, zo is de boodschap van dit onderzoek, groeien naar elkaar toe. 'Het onderscheid vervaagt”, aldus Overbeek. Om te voorkomen dat het platteland z'n attractie verliest, is gebiedsgericht beleid noodzakelijk, aldus het rapport. 'Steden en dorpen moeten meer samen doen”, zegt Overbeek. Elke stad zou met omliggende dorpen afspraken moeten maken over waar welke functie het beste kan worden ontwikkeld. En daarbij zal 'solidariteit” tussen stad en dorpen noodzakelijk zijn, zodat met het geld dat in het ene dorp verdiend wordt, een voorziening elders kan worden betaald. Overbeek: 'Alle gemeenten in de omgeving van Valencia doen mee aan de bouwexplosie, want ze willen de slag niet missen. Maar de gemeenten die binnen het nationale park liggen, mogen niet meedoen. Zij voelen zich tekort gedaan.'

Meer solidariteit is ook in Nederland geen overbodige luxe, want net als in Frankrijk dreigt hier het ontstaan van gated communities. Bijvoorbeeld in de twintig 'nationale landschappen' die onlangs zijn aangewezen; waardevolle gebieden zoals het Groene Hart waar gemeenten alleen mondjesmaat huizen mogen bouwen. Overbeek: 'Het zou best eens kunnen dat die woningen straks zó duur zijn, dat alleen welgestelde senioren die kunnen kopen. Zo zullen er nooit allochtone gezinnen gaan wonen.'