Jan Mohammed heerst als brute koning 'Niemand vindt hem een goede leider'

Gouverneur Jan Mohammed moet weg, is een voorwaarde van Nederland voor deelname aan de NAVO-missie in Uruzgan. Een hoofdbreken voor president Karzai.

Een verkrachter, een gewetenloze moordenaar, een opiumbandiet, een botte hond. In Afghanistan kent iedereen de reputatie van de gouverneur van Uruzgan, Jan Mohammed. Alles wat er wordt gezegd over Jan Mohammed is waar, zegt Shafiiullah Shafi, hoofd veiligheidszaken van het ministerie van Landbouw. 'Daar hoeven we niet geheimzinnig over te doen.'

Onveiligheid is Mohammeds garantie voor het ongestoord kunnen uitvoeren van criminele zaken, zegt de veiligheidschef van het ministerie van Landbouw. Shafi wordt dagelijks op de hoogte gehouden van de veiligheidsstatus in alle provincies, omdat zijn ministerie in het hele land ontwikkelingsprojecten heeft lopen. Ook in Uruzgan. 'Maar alleen in de hoofdstad van de provincie, daarbuiten worden onze ingenieurs doodgeschoten.'

Toen Shafi vorig jaar de gouverneur ontmoette in Uruzgan, was deze net bezig iedereen uit zijn kantoor te schoppen. 'Letterlijk”, zegt Shafi. 'Ik kwam met de minister van Landbouw binnen en Jan Mohammed kafferde iedereen zijn kamer uit. Alleen hij mag met belangrijke mensen praten.'

In Uruzgan regeert Jan Mohammed als een koning. Wegens zijn nauwe banden met president Hamid Karzai kan niemand hem wat maken. Mohammed en Karzai zijn lid van dezelfde stam, de Popolzai. Ze leerden elkaar meer dan twintig jaar geleden kennen in het Pakistaanse Quetta, de basis van het Afghaanse verzet tegen de Russische bezetter in de jaren tachtig. Jan Mohammed, zegt Shafi, houdt het centrale gezag in Kabul verder zo min mogelijk op de hoogte van de ontwikkelingen in zijn provincie.

Een van de voorwaarden die Nederland gesteld heeft voor uitzending van 1.400 militairen naar Uruzgan, is de verwijdering van Jan Mohammed. Anders zal het Nederlandse Provinciale Reconstructieteam zijn taken niet goed kunnen uitoefenen. De gouverneur wordt gezien als onderdeel van het probleem in Uruzgan: de wetteloosheid buiten de hoofdstad, waar drugscriminelen, Talibaan en smokkelaars vrij spel hebben. Mohammed zou het vooral druk hebben met bescherming van zijn belangen, diep met zijn neus in de opiumhandel zitten, smokkelaars de vrije hand geven en zijn eigen stam bevoordelen.

Jan Mohammed, nu een vijftiger, heeft in zijn volwassen leven eigenlijk bijna maar één ding gedaan: gevochten. Een traditionalist, maar geen fundamentalist. Onder zijn leiding werd de eerste Afghaanse stad bevrijd van de Sovjet-bezetting. De snoeiharde krijgsheer, die altijd voorop de strijd is ingegaan, werd goed beloond: hij werd gouverneur van die bevrijde stad. De naam: Tarin Kowt, hoofdstad van zijn geboortestreek. Toen de Talibaan opkwamen vocht hij door, tegen de nieuwe vijand. In 1999 viel Mohammed in handen van de Talibaan. Twee jaar zat hij vast in Kandahar, toen het bolwerk van de Talibaan.

Jan Mohammed is eigenlijk altijd een krijgsheer gebleven, alleen heette hij de afgelopen jaren gouverneur. De Afghaanse politie en het leger hebben zijn vroegere milities vervangen. Bij de Amerikanen van de operatie Enduring Freedom lag hij aanvankelijk goed. Moest er jacht worden gemaakt op de Talibaan, dan wees hij hun de weg. Maar hij gebruikte de Amerikanen ook om rivaliserende stammen tegen elkaar uit te spelen. Een Amerikaanse inval in een dorpje waar Talibaan zouden zitten kon zomaar het gevolg zijn van een tip van Jan Mohammed, die nog een rekening te vereffenen had.

Het respecteren van mensenrechten is ook niet de sterkste kant van de gouverneur. Zo kreeg Musa Mahmodi vorig jaar, toen hij nog hoofd van de mensenrechtencommissie was in de regio Bamiyan waaronder ook Uruzgan ressorteert, een opmerkelijke film binnen. Het waren beelden van een documentairemaker die een tijd met Jan Mohammed en de Amerikanen had 'meegelopen'. 'Ze deden een inval in een huis. Toen de gouverneur daar een jongetje aantrof, zei hij in de camera: 'Zo, die neem ik mee naar huis voor drie of vier nachten'.' Ja, het klopt, zegt Mahmodi, Mohammed houdt erg van jonge jongetjes. 'Dat zie je meer in de conservatieve cultuur van Zuid-Afghanistan. Ik kreeg meerdere klachten dat hij mensen had verkracht. Jan Mohammed is een brute man.'

Is er dan niets positiefs te zeggen over de gouverneur van Uruzgan? Qayum Karzai, parlementariër en oudere broer van de Afghaanse president, vindt dat de beschuldigingen aan het adres van zijn oude vriend - ze kennen elkaar zo'n 25 jaar - eerst maar eens goed gecheckt moeten worden. De familie Karzai is afkomstig uit Zuid-Afganistan. Qayum Karzai vertegenwoordigde op verzoek van dorpsoudsten Uruzgan tijdens de noodtoestand in 2002 bij de Loya Jirga, de Afghaanse vergadering van afgevaardigden.

Natuurlijk, zegt hij, Jan Mohammed is een harde en ruige man, die schreeuwt en niet altijd even redelijk is. Geen Afghaan zal zeggen dat hij een goede bestuurder is; hij kan niet eens lezen - hij heeft altijd een grote stempel in zijn hand voor het geval er iets ondertekend moet worden. Maar hij is volgens Karzai ook een dappere man, die de afgelopen jaren hard heeft opgetreden tegen de Talibaan toen het nodig was.

En opiumconnecties? 'Iedereen in dit land heeft al snel connecties met de papaverteelt, omdat een ver familielid het verbouwt, of een stamgenoot. Betekent dat meteen dat je actief in de handel zit?', vraagt Qayum Karzai.

Volgens Karzai moet Jan Mohammed een eerbaar alternatief worden geboden als hij moet vertrekken. 'Hij moet een positie krijgen die hij kan beschouwen als een beloning voor zijn robuuste optreden tegen de Talibaan, bijvoorbeeld als veiligheidsadviseur.' Behalve een vechtjas is Mohammed een bijzonder trotse man, weet Karzai. 'Als je hem krenkt, zal hij alle voorstellen weigeren.'