'Een referendum is geen veredelde opiniepeiling'

Rein Jan Hoekstra is de voorzitter van de nieuwe Nationale Conventie, die voorstellen moet doen voor aanpassingen van de grondwet en het staatsbestel.

Rein jan Hoekstra benoemd tot informateur 15 04 2003 - Foto Roel Rozenburg Rozenburg, Roel

De werkkamer van Rein Jan Hoekstra aan de Haagse Kneuterdijk kijkt uit op het gebied rond de Hofvijver. De plek was eerder deze week toneel van een actie van de Jonge Democraten. De D66-jongeren zijn boos omdat het maatschappelijk debat over Europa na het afwijzen van de Europese Grondwet is uitgebleven. 'Die klacht deel ik”, zegt Hoekstra, lid van de Raad van State en voorzitter van de Nationale Conventie. 'De Tweede Kamer discussieert over zoiets als de Staat van de Unie of de subsidiariteitstoets. Maar het heeft nauwelijks effect in de samenleving.'

De Nationale Conventie ('De naam klinkt wat pretentieus, maar dat is me op het lijf geschreven”) moet het Europese debat bevorderen en de kloof tussen burger en nationale en Europese politiek verkleinen. Hoekstra (64), indertijd prominent antirevolutionair (ARP, opgegaan in het CDA), gaat de Conventie leiden, die is ingesteld door minister Pechtold. Hoekstra is voor de gekozen burgemeester en voor referenda. 'Ik ben op veel punten progressiever op het gebied van bestuurlijke vernieuwing dan mijn partij.'

Hoewel het gezelschap vandaag officieel begint, filosofeert voorzitter Hoekstra er alvast op los. Een vrij debat mag, zegt hij. Sterker, het is juist wat hij met de Conventie beoogt. 'Waarom trekt de Tweede Kamer er niet eens op uit, net zoals in de negentiende eeuw”, vraagt Hoekstra zich af. 'Toen ging de Kamer ter plekke misstanden onderzoeken, zoals rond kinderarbeid. Het was de eerste parlementaire enquête die leidde tot het 'kinderwetje' van de liberaal Sam van Houten. Dat zou het parlement nu weer moeten doen, maar dan met Europese onderwerpen die de burger bezighouden.'

De hypotheekrenteaftrek is volgens Hoekstra een goed voorbeeld van. 'Er bestaan plannen van de Europese Commissie om het gemakkelijker te maken hypotheken 'mee te nemen' van het ene naar het andere land. Dat kan gevolgen hebben voor onze fiscale regeling. Laat de Tweede Kamer daar in een vroeg stadium - als het nog niet te laat is voor beïnvloeding van Brussel - in het land hoorzittingen over organiseren.'

Vaak komt het woord 'kloof' terug in het gesprek met de informateur van het kabinet-Balkenende. Europa heeft wat dat betreft een groter probleem dan Nederland, stelt Hoekstra. Niet alleen het uitblijven van een Europees debat duidt daarop, maar ook de lage opkomst bij de Europese verkiezingen. Op nationaal vlak is dat anders. Hoekstra. ,,Ik loop wat langer mee. Al in de jaren zestig zeiden politici al dat er zo'n grote kloof bestond tussen burger en politiek. In de jaren tachtig ook. Maar ik zie dat kiezers nog altijd massaal opkomen bij nationale verkiezingen. Die zijn heus wel betrokken bij nationale politiek.'

Diezelfde nationale politiek zal er alles aan moeten doen om het gat tussen het Europees bestuur en de burgers kleiner te maken. In zijn andere functie, bij de Raad van State, deed Hoekstra daarvoor al voorstellen. Zo vindt hij dat de premier meer ruimte moet krijgen om in een vroeg stadium een belangrijk Europees onderwerp op de agenda te zetten. 'Nu worden zulke onderwerpen voorgekookt door de departementen en komen ze als kant-en-klare hamerstukken de Trêveszaal binnen. Zo lukt het nooit om in de boezem van de ministerraad een politiek debat over Europa te krijgen.'

De kiezer wees vorig jaar massaal de Europese Grondwet af. Ziet u daarin een bevestiging van de afstand tussen Europa en burger of juist een verkleining daarvan?

'Eerlijk gezegd ben ik daar wat schizofreen in. Het maakte vooral duidelijk dat wij niet goed begrepen waarom we stemden. Het 'nee' tegen de Grondwet was een afwijzing van een Toren van Babel van verdragen en wetten. De boodschap was dat de burgers heus wel over Europa wilden nadenken, maar dat ze dit onderwerp niet overzagen.'

Hoewel dit volgens u niet goed uitpakte, bent u wel voor meer referenda, ook over Europa.

'Ja. Ik ben voor correctieve referenda, waardoor kiezers wetsvoorstellen na goedkeuring door het parlement alsnog kunnen tegenhouden. Je moet geen veredelde opiniepeilingen gaan houden. Politici moeten hun verantwoordelijkheid nemen. Het zou bijvoorbeeld ook beter zijn geweest als minister Pechtold voorzitter van de Conventie was geworden.'

Wat betreft de nationale kloof tussen politiek en burger - voor zover die bestaat - kritiseert Hoekstra vooral het parlement. 'De Tweede Kamer heeft nu te veel de neiging mee te besturen, waardoor zij zich vervreemdt van zijn controlerende en vertegenwoordigende taak.'

Regeerakkoorden zijn volgens Hoekstra voorbeelden van dat meebesturen. 'Ik snap wel dat je een paar globale afspraken op papier zet, maar de controlerende taak van het parlement is in het geding. Onderhandelingen over regeerakkoorden worden nota bene nu door fractievoorzitters gedaan. Dan zeg ik: parlement, gij hebt een eígen taak.'