CDA staat niet alleen in EU

Het CDA staat met zijn afwijzing van de nieuwste uitbreiding van de EU niet alleen. Elders in Europa neemt het onbehagen toe over de toetreding van Roemenië en Bulgarije.

Voor het voornemen om Roemenië en Bulgarije als lid van de Europese Unie toe te laten, betekent de nee-stem van het CDA helemaal niets. Een grote meerderheid van de Tweede Kamer maakte gisteren kenbaar voor de aanstaande uitbreiding van de Unie te zijn. Zodoende kan het verdrag, waarin dit wordt geregeld, gewoon worden geratificeerd.

Toch illustreert de tegenstem van de grootste regeringspartij wel nog eens het snel wijzigende politieke klimaat ten aanzien van het toelaten van nieuwe landen tot de sinds 1 mei 2004 uit 25 lidstaten bestaande Europese Unie. Er is sprake van een toenemend ongemak. Een ongemak dat zich verrassenderwijs meer manifesteert in Europa dan in de Tweede Kamer.

In de Tweede Kamer was het gisteren voor nagenoeg alle overige fracties vrij schieten op het CDA. Zij aan zij stonden de VVD'er Hans van Baalen en zijn PvdA-collega Frans Timmermans aan de interruptiemicrofoon om het christen-democratische Kamerlid Jan-Jacob van Dijk te bekritiseren over zijn afwijzende standpunt.

Maar in het Europees Parlement was het vorig jaar de aanvoerder van de Nederlandse PvdA'ers, Max van den Berg, die weigerde op dat moment al akkoord gaan met de toetreding van Roemenië tot de EU. Ook de helft van de uit vier leden bestaande VVD-delegatie stemde tegen. Deels waren het procedurele bezwaren. Maar zoals bekend is in de politiek niets politieker dan de procedure. Daarnaast klonken er najaar 2005 in het Europees Parlement van diverse kanten kritische geluiden bij de bespreking van het rapport van de Europese Commissie over de voortgang van de hervormingen in beide landen.

Anders dan bij vorige uitbreidingen van de Unie zijn de parlementen al in een vroeg stadium om instemming gevraagd. Hoewel de toetreding van Roemenië en Bulgarije pas per 1 januari 2007 was voorzien, moest het Europees Parlement - dat in deze zaak medebeslissingsrecht heeft - reeds in april vorig jaar oordelen. Dat klemde des te meer, omdat de Europese Commissie in voortgangsrapportages concludeerde dat beide landen toen nog niet voldeden aan de toelatingseisen. Er werd voortgang geboekt, maar er was ook nog veel te doen, luidde de boodschap van het dagelijks bestuur van de EU. Problematisch blijft vooral in Roemenië bijvoorbeeld de grote mate van corruptie bij de overheid.

Om die reden is dan ook een uitstelclausule in het verdrag opgenomen: mocht Roemenië dan wel Bulgarije nog niet geheel klaar zijn voor het lidmaatschap dan kan de toetreding nog tot 1 januari 2008 worden uitgesteld. Bepalend is het volgende voortgangsrapport dat de Europese Commissie half mei zal uitbrengen. Op basis hiervan zullen de regeringsleiders van de Europese Unie in juni beslissen wanneer de volgende uitbreiding zal plaatsvinden. Maar voor de parlementen is er dan niets meer te doen. Die hebben de ratificatieprocedure reeds achter de rug.

Zo dreigt naar de mening van in elk geval de Nederlandse maar ook steeds meer Europese christen-democratische politici in bijvoorbeeld Duitsland en Oostenrijk, de uitbreiding met Roemenië en Bulgarije het zoveelste voorbeeld van Europese voldongen feiten politiek te worden. Buiten de Unie zullen beide landen niet blijven. Maar of de deur in 2007 opengaat, blijft onzeker.