Eenzaamheid als kwaal in “quirky' film

Quirky heten in het Engels de personages waarmee de Amerikaanse beeldend kunstenaar Miranda July haar speelfilmdebuut bevolkte, en quirky is ook haar film, die op het Filmfestival Rotterdam te zien is en nu ook in de bioscopen gaat draaien. De film won al prijzen op onder meer de festivals van Cannes en Sundance. Spitsvondig, eigenzinnig, nukkig, zegt het woordenboek, maar die woorden dekken de lading niet helemaal. Misschien is de beste definitie van quirky wel deze film van Miranda July.

Me and You and Everyone We Know gaat over een beginnende videokunstenares (gespeeld door July zelf) die om geld te verdienen taxichauffeur is voor bejaarden. Tijdens zo'n ritje wordt ze verliefd op een schoenverkoper, die net verlaten is door zijn vrouw en met zijn twee jonge zoons in een buitenwijk van Los Angeles woont. Ieder van deze personages krijgt zijn eigen scènes, waarin vooral hun eenzaamheid getoond wordt, de kwaal waar deze mensen allemaal het meest aan lijden.

July geeft de scènes zo vorm dat de wanhoop op een fijnzinnige manier geestig wordt, zelfs als het onderwerp nogal plat lijkt. Twee meisjes willen bijvoorbeeld weten wie van hen het beste pijpt en omdat ze voor deze vergelijking nu eenmaal een jongen nodig hebben, bellen ze aan bij de oudste zoon van de schoenverkoper.

July heeft een lief oog voor de schoonheid en de absurditeit van het bestaan. Niemand lijkt het kwaad te menen. Af en toe gaat deze aanpak op de zenuwen werken, ondanks de mooie observaties en de verrassende plotwendingen.

Me and You and Everyone We Know. Regie: Miranda July. Met : Miranda July, John Hawkes. In: 20 bioscopen.