Britten wijzen antihaatwet af

De Britse premier Tony Blair heeft gisteren opnieuw een gevoelige nederlaag geleden in het Lagerhuis met zijn antiterreurbeleid. Een krappe meerderheid wees verrassend een wetsvoorstel van de regering af, dat het makkelijker zou maken om mensen te vervolgen die aanzetten tot religieuze haat.

Uiteindelijk wees het Lagerhuis het voorstel af met een meerderheid van slechts één stem. De ironie was dat Blair zelf een beslissende stem had kunnen uitbrengen ten gunste van het voorstel. Chief whip Hilary Armstrong, de vrouw die de Labour-parlementariërs in het gelid moet houden, had hem verzekerd dat zijn stem geen verschil zou maken. Blair was daarom naar zijn ambtswoning teruggegaan. Een onverwacht hoog aantal Labourleden stemde echter tegen.

De oorspronkelijke tekst bepaalde dat iemand kon worden vervolgd als hij religieuze haat probeerde aan te wakkeren door mensen te bedreigen, te beschimpen of te beledigen. Het Lagerhuis amendeerde die tekst en bepaalde dat mensen alleen vervolgd kunnen worden als ze opzettelijk bedreigend zijn.

Er bestond veel weerstand tegen het voorstel, dat eerder al door het Hogerhuis was verworpen. Zowel religieuze groepen als komieken, onder wie Rowan Atkinson, waren, om verschillende redenen, tegen zo'n vergaande bepaling.

Eerder op de dag had de regering ook al een stemming verloren over hetzelfde onderwerp. De afwezigheid van Blair bij de tweede stemming was daardoor des te opmerkelijker. Het waren de tweede en derde nederlaag van Blair sinds zijn aantreden in 1997. Normaal kan hij rekenen op een meerderheid van 65 Lagerhuisleden.