Bitterzoet liefdesoffer in “Alcestis'

Eerst wordt koningin Alcestis naakt gebalsemd, dan gaat zij in de aarde liggen. Deze dood heeft zijzelf gewild: zij offert zich op voor haar man, de jonge koning Admetos wiens dood voorspeld is, tenzij hij iemand vindt die voor hem wil sterven. Het Vlaamse gezelschap de Roovers brengt de tragedie Alcestis (438 v. Chr.) van Euripides, in de in de bewerking van de Britse dichter Ted Hughes.

Oorspronkelijk zijn Alcestis en de Dood twee personages. Bij de Roovers smelten zij samen. Nadat actrice Sofie Sente als Alcestis uit de aarde is herrezen, verbeeldt zij de Dood: “Ik belichaam het lichaam van Alcestis. Wanneer ik ontwaak in het lichaam van Alcestis, sterft zij.“ Het is schitterende doodslyriek en liefdespoëzie ineen die de Roovers ten gehore brengt.

Een vierkante glasplaat zweeft aan kabels boven het podium. Eronder, juist even groot, ligt vergruisd glas. Alcestis gaat op de glasplaat liggen en trekt in witte vegen de contouren van haar lichaam. Zij stijgt ten hemel, op het kapotte glas zet zich de handeling voort. Het glas symboliseert de scheiding tussen leven en dood. Wanneer de spelers de scherven betreden, knerpt het pijnlijk. De goden daarboven laten de mensen rondstruinen in een kapotte wereld van scherpe glassplinters.

Over Alcestis hebben geleerden geopperd dat het geen tragedie maar een saterspel zou zijn of een burleske. In elk geval kent het een gelukkig eind: halfgod Herakles is sterker dan de dood en haalt Alcestis terug naar het rijk van de levenden. Een tragikomedie komt het dichtst bij, zeker in de bittere versie van Hughes, die de zelfmoord van zijn geliefde, Sylvia Plath, erin verweeft. Alcestis komt terug, Plaths sterven is voorgoed.

De strijd tussen leven en dood drukt de Roovers in strakke beelden uit. Wim van der Grijn is een waardig koorlid, die de verzen helder laat klinken. Luc Nuyens is een woeste Herakles die zo trots is op zijn heldendaden, dat hij de lieftallige dienster Kyoko Scholiers bijna knakt als hij zijn kracht toont. Sofie Sente speelt een ingetogen Alcestis. Als zij uiteindelijk weer achter de spiegelwand verschijnt, weet zij zowel de dood als het leven uit te drukken. Een naakte schim waaraan zwarte doodsaarde kleeft. De vertwijfeling van Admetos is teder, en terecht: hij kan niet geloven dat zijuit het dodenrijk is teruggekeerd.

Voorstelling: Alcestis - Goat Song van Ted Hughes naar Euripides door de Roovers. Vertaling: Bernard Dewulf. Gezien: 25/1 Toneelschuur, Haarlem. Tournee t/m 11/3. Inl.: 0032-3-2974148; www.deroovers.be