Vakantieverhaal

Wat te doen in situaties waar nog geen gedragsregels voor bestaan? In aflevering 4 van 'de jungle': vakantieverhalenterreur en hoe die te vermijden.

Vertellen over de vakantie is een kunst. De meeste mensen verstaan die kunst niet. Dat weerhoudt ze er echter niet van om vakantieverhalen te vertellen. Het is onbegonnen werk die mensen te leren om goed te vertellen. Wel kun je zelf, met enkele eenvoudige uitingen, invloed uitoefenen op het tempo en de duur van het verhaal.

Je zou zeggen: een vakantie heeft een duidelijk begin en een eind. Maar het lijkt alsof mensen die net op vakantie zijn geweest, alle besef van tijd kwijt zijn. Daarom doen ze er heel lang over om de vertelling rond te breien. Je weet al dat het misgaat, als het begin van de vakantie uitgebreid beschreven wordt. 'Op Schiphol hebben we toen ontbeten. Nou, dat was lang niet zo lekker als we hadden gehoopt.' Dit kan een lange avond worden.

Ook denken veel vertellers dat het belangrijk is om alle plaatsen, tijdstippen en tijdzones correct te noemen. 'We reden toen via Oaxaca naar Veracruz, en van Veracruz naar Chacahua en toen naar Palenque en vanaf Palenque via de binnenroutes naar San Cristobal.' Fascinerend. Alles moet kloppen in het verhaal, ook als dat de vaart er ernstig uit haalt. Dit is geen ongewoon intermezzo in een vakantieverhaal: 'En toen op donderdag... Of nee, woensdag. Nee, donderdag. Schat, was het nou woensdag of donderdag dat we die jeep huurden? O ja, toch woensdag. Nou, op woensdag hebben we toen een jeep gehuurd, of tenminste, we wílden een jeep huren maar dat kon niet want ze hadden geen jeeps meer...'

Een vriendin van mij heeft de theorie dat vakantievertellers hier in een soort loop raken, in een soort trance door hun eigen verhaal. Enige manier van ingrijpen is 'Maakt niet uit!' te roepen en enkele resolute armbewegingen te maken. Alleen op die manier raken ze uit de loop en komen ze er misschien toe om te zeggen: 'Ach ja, of het op woensdag of donderdag was, maakt ook eigenlijk niet uit.' Mijn eigen manier om de loop te voorkomen is om al voordat het verhaal begint te vragen: 'Wat was het leukste en wat was het stomste?'

Anders ligt het bij de foto's. Je kunt de vriend/vriendin in kwestie moeilijk vragen om maar de helft van de foto's te laten zien. Probleem is dat de meeste mensen nu digitale foto's maken, en dat dat er al gauw 564 of meer zijn, want niemand houdt zich meer in bij het fotograferen. Dus kan het gebeuren dat je veertien foto's ziet van één Dorische zuil. 'Ja, en dit was een heel mooi detail van de zuil. En dit was een salamandertje dat eroverheen liep. O, dit is nog een keer het salamandertje. O, en dit ook.'

De oude oplossing voor de eindeloze fotosessie was: 'Mag ik de foto's zelf vasthouden?' Mensen keken wel altijd raar op als je dat vroeg, maar gaven uiteindelijk toch toe. Bij foto's op een computer kan dat niet. Vraag dan of je gastheer de computer op 'slideshow' zet, waardoor de foto's in een gestaag tempo voorbij komen. De smoes die je daarbij gebruikt: 'Dan hoef jij niet steeds op die pijltjes te drukken.' Voor elke foto is nu maar een paar seconden verteltijd. Droom even weg, en het is zo voorbij.

Maar er bestaat nog een veel makkelijkere oplossing voor de vakantieterreur. Het is een lieve, en natuurlijke, reactie van mensen dat ze hun vrienden kort na een vakantie willen zien. 'Want dan kan ik alle verhalen horen.'

Wie echter even nadenkt, begrijpt dat dat helemaal geen goed idee is. Een avond lang vastzitten aan verhalen over gastvrije indianen en exotische boomsoorten is uiteindelijk minder leuk dan met je vrienden praten over dingen waar je zelf ook wat van weet - bijvoorbeeld roddelen over andere vrienden.

Houd je dus in, en laat na die vakantie een paar weekjes verstrijken voor je weer afspreekt. De nieuwe vakantie is alweer geboekt, de oude vergeten, de computer kan uit blijven en het verhaal over de jeep mag in de korte versie.

    • Aaf Brandt Corstius