Grote bedragen, dito verleiding

Weer een woningcorporatie onder curatele van het ministerie. Hoe kwetsbaar zijn de huizenbeheerders voor financiële malversaties in de top?

Na de crisis komen de loodgieters. En na de loodgieters komen de nieuwe bazen. Zo ook bij woningcorporaties die dusdanig in opspraak komen wegens (vermoedens van) financiële malversaties in of bij de top, dat het ministerie van Volkshuisvesting ingrijpt.

Afgelopen vrijdag benoemde minister Dekker van Volkshuisvesting een 'loodgieter' bij corporatie Wooninvest in Voorburg (9.000 woningen). Het is de vijfde keer in nog geen twee jaar dat het ministerie een externe toezichthouder benoemt bij een van de ruim 500 woningcorporaties.

Wooninvest is onder curatele gesteld wegens een onderzoek van FIOD-ECD naar mogelijk strafbare handelingen door een persoon die 'gelieerd' is aan de corporatie. 'Wooninvest zou hierbij mogelijk zijn benadeeld', aldus het ministerie vrijdagmiddag. 'Wat uiteraard niet in het belang van de volkshuisvesting is.'

De loodgieter bij Wooninvest, T. Lensen van adviesbureau Ecorys, moet als externe toezichthouder zorgen dat de commissarissen van de corporatie de problemen snel en adequaat oplossen.

Het bestuurlijk ingrijpen komt - toevallig - op het moment dat een eerder onder curatele gestelde corporatie, Trias in Lisse, juist in rustiger vaarwater wil komen. Afgelopen weekeinde adverteerde Trias voor een nieuwe directeur en drie nieuwe leden voor het zogeheten managementteam. De personeelsadvertentie rept van een reorganisatie die achter de rug is.

Eind 2004 stelde het ministerie Trias onder curatele, toen bleek dat op het nippertje malversaties waren voorkomen. De betrokken directeur werd eind april 2005 ontslagen. Zijn praktijken hadden Trias 236.000 euro gekost, bleek uit het vonnis van de rechtbank, dat zijn ontslag bekrachtigde.

Trias en Wooninvest zijn twee van de vijf corporaties die de afgelopen twee jaar apart extern toezicht kregen. Bij vier was sprake van verdenkingen van malversaties. Bij een vijfde was de organisatie verlamd geraakt door een stammenstrijd tussen de directie en haar eigen toezichthouders.

De aanhoudende stroom affaires legt een achilleshiel van de corporatiesector bloot. De ruim 500 woningcorporaties beheren samen 2,4 miljoen huurwoningen, vooral voor mensen met een smalle beurs. Bijna de helft van Nederland huurt een woning, meestal bij een corporatie. De corporaties zijn elf jaar geleden financieel en organisatorisch op eigen benen gezet: zij zijn zelfstandige bedrijven, waarop politiek Den Haag behalve wat regels en het toezicht voor de volkshuisvesting geen directe greep heeft. De maatschappelijke invloed van corporaties is met sloop, nieuwbouw, investeringen in leefbaarheid en in vastgoed voor zorg- en welzijnsbedrijven, nauwelijks te overschatten.

Maar steeds weer die affaires. In de jaren negentig in Limburg. Twee jaar geleden werd een oud-corporatiedirecteur in Zwolle tot twee jaar gevangenisstraf veroordeeld na een grote affaire met onder meer smeergelden die leveranciers moesten betalen in ruil voor opdrachten.

Zijn corporaties extra kwetsbaar? Het lijkt er wel op. Zij beheren voor grote bedragen vastgoed, met dito verleidingen. En autocratisch leiderschap is de branche niet vreemd, een eigenschap die organisaties kwetsbaarder maakt voor fraude, blijkt uit onderzoek.

De bestuursvorm van corporaties en de manier waarop commissarissen toezicht houden heeft bij nogal wat woningbeheerders geen gelijke tred gehouden met de waarde van hun bezittingen. De ongeveer 9.000 woningen van bijvoorbeeld Wooninvest waren eind 2003, het laatste jaar waarover cijfers te achterhalen zijn, bijvoorbeeld 356 miljoen euro waard. En daarmee is Wooninvest 'maar' een middelgrote partij. Maar een corporatie kan dat bezit besturen met één directeur, terwijl een bank of beleggingsfonds met minder vermogen ten minste twee directeuren moet hebben. Twee directeuren, vier waakzame ogen, dat is in de financiële wereld wettelijk zo geregeld.

    • Menno Tamminga