Webcongres: In Nederland werken niet te veel mensen in deeltijd

Een overweldigende meerderheid van de deelnemers aan webcongres (www.nrc.nl/webcongres) is het oneens met de stelling dta in Nederland te veel in deeltijd wordt gewerkt.

Ruim eenderde van de Nederlandse beroepsbevolking werkt in deeltijd. Tien jaar eerder was dit een kwart. De toename van deeltijdwerk is vooral toe te schrijven aan werkende vrouwen. Tweederde van deze vrouwen gaat minder uren werken zodra het eerste kind zich aandient, of stopt zelfs helemaal, constateerde Heleen Mees in deze krant van 21 januari. Minder dan tien procent van de werkende moeders heeft een voltijdbaan, terwijl verreweg de meeste werkende vaders een voltijdbaan hebben. Slechts in twee procent van de gezinnen met kinderen werken beide partners in deeltijd. Dit leidde tot de stelling dat in Nederland te veel in deeltijd wordt gewerkt. Ruim eenderde van de deelnemers was het daarmee oneens. Werken in deeltijd is ieders goed recht, schrijft Erik van Bergeijk uit Utrecht. De vraag is alleen of het hoge percentage deeltijdwerkers ontstaan is uit vrije wil of als gevolg van te dure kinderopvang. ,,Waarom kiest een groot percentage hoog opgeleide vrouwen ervoor om de ambities te verwaarlozen door in deeltijd te gaan werken?'', aldus Van Bergeijk. ,,Creëer mogelijkheden voor beide ouders om fulltime te werken. Blijft het percentage deeltijdwerkers dan toch zo hoog, dan is deze keuze in ieder geval gebaseerd op vrije wil.''

En hoezo te veel deeltijdwerkers, vroeg een groot aantal deelnemers zich af. In Nederland wordt toch al geruime tijd een hoge arbeidsparticipatie nagestreefd? ,,Werkgevers zullen aan voltijdwerkers de voorkeur geven; minder georganiseer en kosten'', aldus Violette van Heek uit Abcoude. Het probleem ligt volgens haar hoofdzakelijk bij de parttimer: ,,Bij menig werkgever in Nederland betekent deeltijdwerken per definitie een einde van je carrière.'' Voor vrouwen valt dat minder zwaar dan voor mannen, aldus Van Heek: ,,De identiteit van veel vrouwen wordt in mindere mate door hun werk bepaald dan bij mannen. Veel vrouwen zien zelfontplooiing als iets wat je ook op andere vlakken kunt realiseren.'' Het probleem is niet dat 'te veel mensen' in deeltijd werken, aldus Sara Muller uit Amsterdam, maar te weinig mannen.

Het voordeel van veel deeltijdwerkers is ook dat arbeidsmarkt flexibel om kan gaan met pieken in de productiviteit, meent Koen Pruymboom uit Rotterdam. ,,Indien deeltijdwerkers bereid zijn tijdelijk meer te gaan werken, geeft dit bedrijven meer bewegingsvrijheid om op veranderde omstandigheden in te spelen. Een hoog aantal deeltijdwerkers kan gunstig zijn voor de economie.'' Wil je dat moeders meer werken, dan zul je wat aan de kinderopvang moeten doen, meent Adriana Verpalen uit Amsterdam. Volgens haar zijn Nederlanders nog altijd niet geëmancipeerd: ,,Het verzorgen van de kinderen is blijkbaar nog steeds de verantwoordelijkheid van de moeder en niet die van de vader.''

Mannen zouden zich net als vrouwen niet alleen met werk moeten bezighouden, is de teneur van veel 'oneens'-stemmers. Dat is ook goed tegen de stress, aldus Ellen van Wettum uit Veenendaal: ,,Mensen met een fulltimebaan, worden vaak overspannen of krijgen een burn-out. Door het parttimewerken te stimuleren, komen minder welvaartsziekten voor en is er meer werk voor degenen die nu niet aan een baan komen.'' Ook Jorine Muiser uit Cessy (Frankrijk) zingt de lof van de deeltijdwerker: ,,Het is een geweldige luxe als mensen, dankzij een deeltijdbaan, werk en carrière kunnen combineren met een gezinsleven, vooral als de kinderen jong zijn. De economie moet worden afgestemd op hoe mensen hun leven indelen, in plaats van andersom.''

Voorstander van de stelling Armand Bos uit Delft noemt drie redenen om deeltijdarbeid te ontmoedigen: ,,Ten eerste de context van een nog steeds kwakkelende economie; dit vraagt om flexibele arbeidsvoorwaarden, langere werkweken en dus ook minder parttimers. Ten tweede: concurrerende markten als Rusland, India, China en Brazilië met een enorm arbeidspotentieel maken het toekomstbeeld voor Europa niet gunstig. Ten derde is met de vergrijzing sowieso het aandeel van de bevolking dat werkt al laag, en dat wordt de komende jaren niet beter.'

,,Het is een gruwelijke verspilling van talent en vaardigheden dat hoger opgeleide mensen niet of niet volledig werken'', schrijft Bert Hubert uit Scheveningen. Frank van Westerop uit Westwoud vindt dat je als consument ondertussen lijdt onder de vele parttimers: ,,De service van de bedrijven is teruggelopen. Vrijwel overal worden fouten gemaakt of wordt ondeskundigheid getoond.' 'Bij bedrijven, instellingen en klanten zorgen deeltijdwerkers meestal voor extra rompslomp'', bevestigt Samuel van den Berg uit Nieuwerbrug. ,,Het emancipatiestreven om vrouwen de arbeidsmarkt op te jagen is hier mede debet aan. Voor kinderen zijn werkende moeders ook niet prettig.''

,,Wat een maatschappij!', verzucht Frans Block uit Korsberga (Zweden). ,,Aan de ene kant zijn er onvoldoende fulltime banen en aan de andere kant klaagt men dat te veel in deeltijd wordt gewerkt. De overheid moest zonodig alle vrouwen aan het werk helpen en zag opvoeding en verzorging niet als werk.'