Theaters op Kurfürstendamm bedreigd

Ze wisten dat het een keer kon gebeuren. Ze zitten immers gehuurd. Toch kwam de opzegging van het contract als een pijnlijke verrassing. Per 1 januari 2007 hebben de Komödie am Kurfürstendamm en het Theater am Kurfürstendamm geen onderkomen meer. De toekomst van de twee podia is daarmee ongewis. De theaterminnende elite van Berlijn bereidt acties voor, politici snellen te hulp.

Publiek in het Theater am Kurfürstendamm (1924) Blick in den Zuschauerraum bei einer Generalprobe vor geladenem Publikum (Architekt Oskar Kaufmann; erbaut 1923/24) Innenansicht 1924 Ullstein bild

Ooit, in de eerste decennia van de vorige eeuw, was de Kurfürstendamm hét uitgaanscentrum van Berlijn. Tegenwoordig is de boulevard een brede straat met deftige en minder deftige winkels. Het uitgaansleven is er vrijwel uitgestorven. Het theater en de komedie behoren tot de laatste tastbare herinneringen aan de wilde jaren van Berlijn, toen de boulevard het domein was van snobistische nieuwe rijken met een hang naar plat amusement en avant-gardistisch theater.

Een van de grote namen in de toneelwereld van het Berlijn van de Gründerzeit was de Oostenrijkse toneelspeler en regisseur Max Reinhardt, die onder andere directeur was van het Deutsches Theater. In 1924 liet Reinhardt, die een compleet theater-concern exploiteerde, de nu bedreigde Komödie am Kurfürstendamm bouwen. De komedie maakte onder andere naam met pikante revues die om elf uur 's avonds begonnen. Sinds 1934 maken de twee podia deel uit van de 'Direktion Woellfer', een familiebedrijf, inmiddels in de derde generatie, dat ook theaters exploiteert in Dresden en Hamburg.

In de jaren zeventig werden de oude theaterzalen ingebouwd in een winkelpassage, het Kudamm-Karree. De eigenaar van de passage is een dochter van Deutsche Bank, DB Real Estate. De vastgoedontwikkelaar wil het complex afbreken en zegde het huurcontract op. In de nieuwbouw is ruimte voor één theater voorzien, op de derde verdieping.

'Ik ben door deze schijnbare willekeur geschokt', schreef directeur Martin Woellfer begin januari in een verklaring. Het bedrijf heeft tachtig medewerkers en had al contracten afgesloten voor volgend jaar. De toekomst in de nieuwbouw is omgeven door onzekerheden. 'Het is pijnlijk om de eigen machteloosheid te ervaren.'

Helemaal machteloos is Woellfer niet. De première van Ernst & seine tiefere bedeutung van Oscar Wilde, halverwege januari, werd een stil protest. In het publiek zaten, behalve de Berlijnse minister voor cultuur, Thomas Flierl, ook filmregisseur Volker Schlöndorf de intendanten Klaus Peymann (Berliner Ensemble) en Bernd Willms (Deutsches Theater), evenals talrijke acteurs. De Berlijnse Theaterclub bereidt een demonstratie voor en dertigduizend sympathisanten hebben inmiddels een petitie getekend.

Ook lokale politici zijn de theaters te hulp gesneld. Het bestuur van stadsdeel Charlottenburg/Wilmersdorf heeft demonstratief in het theater vergaderd en burgemeester Klaus Wowereit (SPD) tekende onmiddellijk protest aan.

Deutsche Bank reageerde snel op de aanzwellende verontwaardiging. De bestuursvoorzitter van de bank, Josef Ackermann, liet schriftelijk weten dat de bank hecht aan een vergelijk waar iedereen mee kan leven. Sindsdien zoeken bank, theater en stad naar een oplossing. Een woordvoerster van het theater wil over de voortgang van de gesprekken geen mededelingen doen.

Het toeval wil dat in september in stadstaat Berlijn regionale verkiezingen zijn. De uitdager van Klaus Wowereit, de christen-democraat Friedbert Pflüger, heeft zich ook al opgeworpen als vriend van de theaters. Na gesprekken met de bank maakte hij alvast bekend dat de theaters in elk geval tot medio 2007 open zullen blijven. Het kantoor van Wowereit liet daarop weten dat men optimistisch is over een goede afloop van de kwestie.

De theaters zijn gespecialiseerd in het lichte genre. De theatergids op de officiële website van de stad Berlijn beschrijft de specialiteit van het huis als volgt: 'Deur open. Komische complicatie. Applaus. Deur dicht.'