Lesgeven wel intensiever, maar ook interessanter 1

Paul Ophey schrijft dat het studiehuis docenten op leeftijd het argument verschaft het wat rustiger aan te doen (Opinie & Debat, 21 januari).

Wat een onzin. De ellende die we nu in het onderwijs meemaken heeft niet zozeer te maken met het studiehuis (een didactisch concept) als wel met de 'tweede fase' (een verplicht leerplan met vier overladen, slecht doordachte profielen). Scholen met een écht studiehuis komen niet zo veel voor; leraren en directies zijn niet echt gek. Aan de profielen valt echter niet te ontkomen. Als universiteiten en studenten terecht klagen over gebrek aan bijvoorbeeld wiskundige kennis, komt dat niet door het studiehuis en de zelfwerkzaamheid maar door ademnood en allerlei verplichte activiteiten die leerlingen uit hun ritme halen.

In 1968 praatte ik 51 minuten per lesuur vol over de wet van Ohm en deden de leerlingen in de les daarna alle 30 tegelijk hetzelfde practicum - zeer inefficiënt. Nu zit ik niet voor de klas, maar lóóp ik rond om aan kleine groepjes uitleg te geven - als zij er aan toe zijn - en om te assisteren bij practica of projecten.

Begeleiden wordt dat denigrerend genoemd door mensen die niet weten waar ze het over hebben. Ik zou dan niet meer met mijn vak bezig zijn; het tegendeel is waar. Mijn leven is door die manier van werken niet rustiger geworden maar door de meer persoonlijke contacten wel veel plezieriger.