Er is nog nooit een complete modernistische wijk gesloopt

Het blijft een hardnekkig misverstand, die vermeende relatie tussen modernistische stedenbouw en sociale problemen ('Afscheid van Le Corbusier', NRC Handelsblad, 25 januari). In Saint-Louis is één appartementenblok gesloopt in 1972. Er is nog nooit een complete modernistische wijk à la Le Corbusier gesloopt. Altijd gaat het om enkele flatgebouwen waar de problemen zo groot waren, dat sloop en dus verplaatsing van de bewoners die de problemen veroorzaakten, de gemakkelijkste oplossing was.

In Rotterdam was Spangen met zijn gesloten bouwblokken en baksteenarchitectuur lange tijd de grootste probleemwijk. In Amsterdam doen met de banlieue vergelijkbare problemen zich voor in de Diamantbuurt en rond het Mercatorplein, keurige Amsterdamse Schoolwijken, ook van baksteen en met vertrouwde gesloten bouwblokken. Ligt het aan het 'destructieve, cryptofascistische karakter' van deze architectuur? Natuurlijk niet. Er is niets mis met traditionalistische, modernistische, Amsterdamse School- of wat voor architectuur en stedenbouw dan ook. Sociale problemen doen zich voor in alle wijken waar sociale probleemgevallen geconcentreerd zijn. Eerst waren die problemen in de sloppenwijken, daarna in de negentiende-eeuwse ring, en nu zijn toevallig de naoorlogse wijken aan de beurt. Ik kan nu al voorspellen dat over twintig jaar de kruip-door-sluip-door-wijken en over veertig jaar de Vinexwijken de probleemwijken zijn. Ongeacht de architectuur en stedenbouw.