Een dankbaar mens

Het was natuurlijk een hoge eer dat minister-president Balkenende het Corustoernooi bezocht, maar voelde hij zich wel thuis onder de schakers? Ik moest denken aan de protestants-christelijke huiskamer die eens in het Centraal Museum in Utrecht was nagebouwd. De pronkstukken van die kamer waren de bijbel, het harmonium en het dambord met de schijven. Schaakstukken waren er niet te bekennen. De protestant damt en hij schaakt niet, dat suggereerde die huiskamer.

Kateryna Atalik-Jan Werle, Corus C tweede ronde

Dat het beslist niet helemaal waar is wordt op het Corustoernooi ieder jaar bewezen door professsor Van Hulst, oud-senator voor de Christelijk Historische Unie. Bijna 95 jaar oud werd hij dit jaar gedeeld eerste in de groep van de oud-parlementariërs. Het beviel hem niet helemaal, want vroeger won hij die groep in zijn eentje. De ouderdom komt met gebreken, al valt het bij Van Hulst erg mee. 'U spreekt met een dankbaar mens', vertrouwde hij me toe.

De parlementariërs van nu en die van vroeger spelen in twee aparte groepen. Het verschil is moeilijk met het blote oog te zien, doordat de gemiddelde leeftijd van de schakende parlementsleden van nu steeds hoger wordt. Kunnen de jongeren niet meer schaken? Kunnen ze misschien zelfs niet meer denken? Een vriendelijke verklaring van het onrustbarende verschijnsel is dat een modern parlementslid het zo druk heeft, dat hij aan andere dingen nauwelijks toekomt.

In de grootmeestergroepen is er dit jaar waarschijnlijk slechts één dankbare Nederlander, de jonge Fries Jan Werle. Hij vervulde voor de derde keer de grootmeesternorm en zal daardoor over een paar maanden op het FIDE-congres in Turijn als eerste Fries uit de geschiedenis tot grootmeester benoemd worden.

Werle studeert rechten, Daniel Stellwagen chemie en Jan Smeets economie. Van de jonge Nederlanders in de grootmeestergroepen lijkt alleen Erwin l'Ami een loopbaan als beroepsschaker te ambiëren. Het is jammer voor de Nederlandse schaakwereld dat die andere drie zich niet helemaal aan het spel willen overgeven, maar je kunt het hun niet kwalijk nemen. Het is een hachelijk bestaan als je niet bij de wereldtop behoort.

De Engelse grootmeester John Nunn, die vorig jaar zijn loopbaan als actief schaker beëindigde, schreef: 'Met het vorderen der jaren worden veel spelers trainer, schrijver of journalist, maar er is niet genoeg vraag naar deze activiteiten om alle oudere spelers onder dak te brengen. Daardoor zijn velen verplicht om veel te lang door te gaan. Dit heeft tot tragische gevallen geleid waarin grootmeesters aan het bord door fatale hartaanvallen of hersenbloedingen getroffen werden (bijvoorbeeld Gipslis en Bagirov).'

De gemiddelde beroepsschaker is als een bedelmonnik die heeft afgezien van materiële goederen in dienst van het hogere.

Kateryna Atalik - Jan Werle, Corus C tweede ronde

1. d4 Pf6 2. c4 e6 3. g3 d5 4. Lg2 Le7 5. Pf3 0-0 6. 0-0 dxc4 7. Dc2 a6 8. Dxc4 b5 9. Dc2 Lb7 10. Ld2 Pbd7 11. La5 Tc8 12. Pbd2 De8 13. b4 Zo verhindert wit voorlopig zwarts bevrijdende opmars c7-c5, maar de prijs die ze betaalt is dat haar loper opgesloten wordt. 13...Ld6 14. Tac1 Krachtiger is 14. e4 e5 15. Tfe1 14...e5 15. dxe5 Pxe5 16. Lh3 Pc6 Een speculatief kwaliteitsoffer voor de aanval. Nodig was het niet, want 16...Ped7 gevolgd door c7-c5 ging ook. 17. Lxc8 Dxc8 18. e4 Dh3 19. Tfe1 Pg4 20. Pf1 f5 Zwart heeft inderdaad koningsaanval gekregen, maar of het genoeg is, is nog de vraag. 21. Db3+ Meteen 22. Pg5 was handiger. 21...Kh8 22. Pg5 Dh5 23. Pe6 En hier kwam 23. f4 in aanmerking. 23...Pxa5 24. bxa5 Tf6 25. f4 fxe4 26. Pg5 e3 Een aardige zet, gebaseerd op een matwending, maar simpel 26...Pf2 27. Kxf2 Dxg5 was misschien sterker. 27. Dc2 Pf2 28. Txe3 Dxg5 29. Kxf2 En niet 29. fxg5 Ph3 mat. 29...Dd5 Met zijn prachtige lopers heeft zwart mooie compensatie voor de kwaliteit, maar met 30. Dd2 of 30. Te8+ kon wit zich goed verdedigen. Ze moet in tijdnood zijn geweest, want het gaat nu snel bergafwaarts met haar. 30. a3 Tf8

31. Ke1 Nu krijgt zwart duidelijk voordeel. 31...b4 32. Td1 Dxa5 33. axb4 Lxb4+ 34. Ke2 Iets beter, maar ook niet voldoende, was 34. Pd2. 34...Dh5+ 35. Kf2 Lc5 36. Tdd3 Le4 Wit gaf op, of misschien overschreed ze de tijd, wat niet verwonderlijk zou zijn in een stelling waarin ze bijna geen stuk meer kan verzetten. Met 37. De2 zou nog tegenstand mogelijk zijn, al moet zwart gewonnen staan.

hans ree

    • Hans Ree