Extreem winterweer blijft Oost-Europeanen teisteren

Oost-Europa lijdt nog steeds onder extreme kou. In Oekraïne zijn deze week 181 mensen door de kou om het leven gekomen, in Polen 63.

De extreme kou, tot dertig graden onder nul, werd gisteren in zowel het oosten als het westen van Oekraïne verergerd door zware stormen. In een etmaal kwamen veertig Oekraïeners om het leven. In de meeste gevallen ging het om daklozen.

De scholen en mijnen in Oekraïne zijn gesloten en de regering in Kiev gaf dinsdag industriële ondernemingen opdracht het verbruik van gas te verminderen om meer gas voor particulieren beschikbaar te hebben, maar gisteren werd vastgesteld dat er juist meer gas was verbruikt door fabrieken en bedrijven. In twee Oekraïense steden zitten de inwoners al zes dagen zonder verwarming na het uitvallen van de elektriciteit.

In Polen is de temperatuur gestegen van min 35 graden in de voorgaande week tot min twaalf in het zuidoosten van het land (en min twee in het noordwesten), maar met tien doden op woensdag en 63 in een week blijft de kou zijn tol eisen. Verwacht wordt dat de temperatuur verder zal stijgen, maar meteorologen verwachten ook zware sneeuwval.

Roemenië registreerde deze week 45 sterfgevallen door de kou, waarvan achttien op woensdag. In de provincie Covasna werd in de nacht van woensdag op donderdag een temperatuur van 35 graden onder nul gemeten.

Tot in Kroatië en Albanië vielen gisteren doden als gevolg van de kou. In delen van Kroatië vroor het gisteren twintig graden. Drie mensen kwamen hier om het leven. Ook de rest van de Balkan en delen van Italië blijven lijden onder het winterweer.