'Duitsers halen rest van Europa in'

Economen en ondernemers in Duitsland zien de toekomst met vertrouwen tegemoet. Komt dit jaar het langverwachte herstel?

Er heerst opeens zo veel optimisme in Duitsland, het is bijna beangstigend. Economen voorspellen groei. Managers blikken op een stralende toekomst. Behoedzame politici worden gekapitteld. Zwartkijken is 'out', glimlachen 'in'.

Een greep uit de opgewekte nieuwjaarsboodschappen van de afgelopen weken. Norbert Walter, econoom bij Deutsche Bank: 'Het jaar 2006 wordt voor Duitsland een superjaar.' Bert Rürup, voorzitter van het belangrijkste economische adviescollege van de regering: 'De situatie is beter dan ze wordt waargenomen.' Klaus Kleinfeld, bestuursvoorzitter van Siemens: 'De stemming en de substantie worden beter.'

Deze week presenteerde economisch onderzoeksbureau Ifo in München de toonaangevende index van het economische klimaat in Duitsland, zoals waargenomen door 7.000 managers. De index steeg in een maand van 99,7 naar 102 punten. 'De opleving heeft aan kracht en diepgang gewonnen', concludeerde de econoom Hans-Werner Sinn, directeur van het onderzoeksbureau.

Duitse ondernemers zijn nu net zo optimistisch als in 2000, het jaar van de technologie-hausse. Het jaar waarin een Duitse ondernemer adverteerde met de slogan: 'op naar de sterren en daaraan voorbij'. Zo veel durf is sindsdien niet meer vertoond.

Het optimisme is zo aanstekelijk dat specialisten er zelfs van uit gaan dat Duitsland de Europese conjunctuur een impuls zal geven. 'Na een decennium in de rol van zieke man neemt Duitsland weer de traditionele rol op zich van motor achter de economische ontwikkeling in Europa', zei Holger Schmieding, econoom bij Bank of America, tegen een Duitse krant. 'Met hun industriële herstel halen de Duitsers de rest van Europa in', zei Gwyn Hacche van bank HSBC.

Gaat het met de derde economie ter wereld eindelijk de goede kant op? Na vier jaar bijna-stagnatie? Na jaren zonder economische groei, waarin de werkloosheid steeg tot 11,7 procent van de beroepsbevolking? In de afgelopen jaren waren er ook al 'tekenen van herstel'. Vorige winter bijvoorbeeld. Niet lang daarna volgde steevast de teleurstelling. Is het deze keer echt anders?

Michael Glos, een doorgaans goedlachse Beier, moet het weten. Glos, minister van economische zaken, presenteerde deze week de jaarlijkse economische verkenning van de bondsregering. Glos keek nors. Strekking van zijn betoog: het gaat dit jaar inderdaad beter met de Duitse economie, en straks dan toch weer iets slechter.

Volgens Glos (CSU) behoort een economische groei van 2 procent tot de mogelijkheden, mits de energieprijzen niet dramatisch stijgen en de wereldeconomie op koers blijft. Twee procent. Dat is veel beter dan vorig jaar (0,9 procent), maar nog bescheiden in vergelijking met jubeljaar 2000 (3,2 procent).

Glos is behoedzaam. Hij hóópt op 2 procent, maar hij rékent met een groei van 1,4 procent. De vorige regeringen, onder leiding van kanselier Schröder, waren in januari steevast te optimistisch en moesten dan in de loop van het jaar toezien hoe de economie achter bleef bij de verwachtingen en de financiële planning onderuit ging. Glos wil teleurstellingen voorkomen en is daarom pessimistischer dan de meeste economen.

Voor volgend jaar gaat Glos zelfs uit van een magere 1 procent groei. In 2007 wil de regering-Merkel de BTW met drie procentpunten verhogen tot 19 procent. De lastenverzwaring zal de conjunctuur weer afremmen. De regering houdt desondanks vast aan de maatregel omdat ze de overheidsfinanciën wil saneren en een deel van de opbrengst wil aanwenden om de premiedruk te verlagen.

De conservatieve schattingen van Glos vallen niet overal goed. In een hoofdcommentaar van de Financial Times Deutschland werd hij zelfs terechtgewezen voor zijn terughoudendheid. Nu iedereen gelooft in herstel, schreef de krant, moet ook de minister glimlachen.

De Duitse economie vertoont al jaren twee gezichten. De uitvoer is een succes. Duitsland is met een wereldmarktaandeel van 10 procent Exportweltmeister. Bedrijven die voor de export produceren draaien goed en zijn in de afgelopen jaren ingrijpend gesaneerd. Werknemers hebben daar een prijs voor betaald. De loonontwikkeling was, in vergelijking met andere Europese landen, gematigd. De export zal ook in 2006 weer groeien - met 6,5 procent.

De binnenlandse vraag - het tweede gezicht - is uitermate zwak. Spaarzaamheid is de grootse rem op de Duitse economie. Het is al jaren een raadsel waarom het succes van de export niet over slaat op het binnenland.

Misschien is het dit jaar zover dat ook consumenten aan de groei bijdragen, zij het mondjesmaat. De regering verwacht een toename van consumptieve bestedingen met 0,3 procent en een stijging van de binnenlandse vraag met 0,7 procent. Het vooruitzicht dat de bestedingen weer aantrekken, gecombineerd met een gesaneerd bedrijfsleven, voedt het optimisme van veel economen. Ook het probleemgeval genaamd bouwsector krabbelt langzaam uit het dal.

Voor vrolijke gezichten in de arbeidsbureaus is het nog te vroeg. De werkloosheid zal amper afnemen. Voor dit jaar rekent de regering op een daling van het aantal werklozen met 350.000 tot een gemiddelde 4,5 miljoen, ofwel 10,9 procent. De werkloosheid zal pas aanzienlijk dalen als de Duitse economie met meer dan twee procent per jaar groeit. Maar dat is zoveel dat de minister van Economische Zaken er wel over durft te speculeren, maar het nog niet durft op te schrijven.

    • Michel Kerres