Overname van Pixar is een gok voor Disney

De laatste film van Pixar, Cars, gaat over het snelle leven van een eigenwijze raceauto, genaamd Lightning McQueen. Het besluit van mediaconcern Disney om de tekenfilmstudio voor 7,4 miljard dollar (6 miljard euro) te kopen, lijkt al net zo gewaagd. Het prijskaartje vertegenwoordigt een premie van 30 procent ten opzichte van Pixars koers van vóór de speculatie, en bedraagt bijna 45 maal de verwachte winst voor dit jaar.

Het enthousiasme van Disney is begrijpelijk. Terwijl Disneys eigen tekenfilmstudio in de versukkeling is geraakt, zijn alles zes door Pixar uitgebrachte films een succes geworden.

Niettemin zijn de financiële voordelen lastiger te becijferen. Disney heeft niet bekendgemaakt welke synergievoordelen het van de transactie verwacht. Maar om de premie te rechtvaardigen, moet op jaarbasis zo'n 320 miljoen dollar bespaard worden. Dat is geen kinderachtige opgave, gezien het feit dat Pixar dit jaar naar verwachting slechts 230 miljoen dollar winst zal boeken, en volgend jaar 440 miljoen dollar.

Waar moeten die synergieën vandaan komen? Disney wil Pixar als afzonderlijke divisie handhaven, waardoor de mogelijkheden om te bezuinigingen afnemen. Daarom zal het concern het vooral van omzetsynergie moeten hebben. Daartoe zijn wel veel mogelijkheden voorhanden.

Disney kan de personages van Pixar gebruiken voor zijn themaparken, computerspelletjes en speelgoed. Het zal nu makkelijker zijn vervolgseries van Monsters & Co en Finding Nemo te maken, zonder over de zeggenschap te hoeven strijden. Disney hoopt ook dat Pixar zijn sterrenstof over een aantal van Disney's huidige tekenfilmprojecten zal uitstrooien.

Maar dit alles gaat er blindelings vanuit dat Pixar in staat zal zijn vanuit het Magic Kingdom kassuccessen te blijven produceren. In Cars keert Lightning McQueens' hedonistische levensopvatting zich tegen hemzelf als hij de snelweg verlaat. Maar de biosbezoekers kunnen in ieder geval een happy end verwachten. Voor de aandeelhouders van Disney blijft dat afwachten.

Fiona Maharg-Bravo

Voor meer commentaar uit Londen: www.breakingviews.com. Vertaling Menno Grootveld

    • Fiona Maharg-Bravo