Beleefd

Ik rij 's ochtends de parkeergarage van het gemeentehuis in. Als wethouder heb ik een plaats binnen.

Bij het uitstappen loopt een slordig uitziende jongeman me voorbij in de richting van de deur naar het trappenhuis en de liften. Geen bekende, maar kennelijk iemand die een klusje moest doen in de garage.

Ik haast me achter hem aan om de deur op te vangen en ik denk: “Typisch zo'n lummel die zo meteen de deur in mijn gezicht laat vallen.'

Bij de deur aangekomen zie ik hoe hij hem met een breed gebaar voor me openhoudt. Hij zegt: “Dat had u niet gedacht, hè?“