Het beeld

Balderdash & Piffle zijn twee van de op dit moment 643.513 woorden die beschreven staan in de twintig banden van The Oxford English Dictionary, ook wel liefkozend aangeduid met de afkorting OED. Je zou het duo misschien het meest recht doen met de vertaling Koeterwaals & Greintje.

BBC2, Balderdash & Piffle, 23 januari, 22.01u.

Het is de titel van een televisieprogramma waarvan BBC2 gisteren de derde aflevering uitzond. Balderdash & Piffle is een etymologisch magazine en een programma om te zoenen.

Presentatrice Victoria Coren en andere gastheren en -vrouwen gaan erin op woordenjacht. Gisteren was de letter S aan de beurt. In het Engels is dat de meest voorkomende beginletter: 76.276 woorden in de OED, ofwel ruim elf procent. Zo werden, soms met enige hulp van kijkers, herkomst en datering van onder meer slogan (Schots voor 'kreet uit de bergen', sinds het begin van de 16de eeuw) en soccer voorgeleid. Britse voetballiefhebbers hebben een hekel aan dat licht denigrerende Amerikaanse woord voor football, om het van hun variant op rugby te onderscheiden. Toch stamt soccer, net als de OED, uit Oxford. Het werd al in 1889 gesignaleerd en zou te maken hebben met een studentikoze gewoonte om achter allerlei vertrouwde woorden de letters 'er' te plaatsen: rugger football en soccer football. De geleerden zijn het alleen weer niet eens over de eerste drie letters, die volgens de een naar 'Association Football' zouden verwijzen en volgens de ander naar het woord sock, sinds de Middeleeuwen ook een lichte schoen.

De OED-commissie die etymologieën vaststelt en vroegste vindplaatsen verlegt, gaat niet over één nacht ijs. Ze zijn blij met Victoria's ontdekking dat het woord ska niet in september, maar al in maart 1964 in een krant verscheen, temeer daar er een suggestie bij staat voor de oorsprong: een onomatopee of klanknabootsing van gepluk aan een gitaar. De BBC ontdekt echter op Jamaica nog drie theorieën over de etymologie: het zou te maken kunnen hebben met scat-zang in de jazz, de locale groet skavoovie of het werkwoord to scatter ('verstrooien'), dat zou verwijzen naar de rivaliteit tussen ska-orkestjes in het Kingston van de jaren vijftig.

Dat was ook de hoogtij van de uitdrukking something for the weekend, waarmee op kuise toon condooms werden aangeduid. Een onderzoek onder oudere herenkappers toont aan dat ze met die term hun klanten trachtten te verleiden tot aankoop van French letters, surgical sundries of family planning requisites. In een op de plaat gezette sketch van Monty Python uit 1972 komt een zebra voor die bij de drogist vraagt om 'iets voor het weekeinde'. De OED-commissie noemt dat 'een plausibele vindplaats'.

Waarom word ik zo gelukkig van een programma dat speelt met de 83.000 woorden van het langste lemma in het woordenboek? Onder de meer dan tweehonderd betekenissen van het zelfstandig naamwoord (plus zo'n honderd en vijftig van het gelijknamige werkwoord) set vinden we 'dassenburcht', 'pootaardappel' en 'televisietoestel'. Het grootste wonder is dat de betekenis meestal zonneklaar uit de context blijkt.

Zou zo'n programma als Koeterwaals & Greintje ook door de Nederlandse en Vlaamse publieke omroep samen gemaakt kunnen worden? Ik vrees dat het wel plezier over weetjes biedt, maar te weinig marktgerichte emotie.

    • Hans Beerekamp