Proces-Pamuk voorbij; zaak telt veel verliezers

De Turkse auteur Orhan Pamuk is ontslagen van rechtsvervolging. Betekent dit dat de rechtsstaat in Turkije heeft getriomfeerd? Wie won en wie verloor in de zaak-Pamuk?

'Toen ik vanmorgen op de rechtbank kwam, zat de secretaris het vonnis al uit te tikken.' De ultranationalistische Turkse advocaat Kemal Kerinçsiz kwam vanmorgen woorden te kort om zijn teleurstelling te uiten over het einde van de rechtszaak tegen de schrijver Orhan Pamuk. Het was Kerinçsiz die rechtsvervolging van Pamuk aanzwengelde omdat de schrijver de Turkse identiteit beledigd zou hebben. In een vraaggesprek zei Pamuk vorig jaar dat 'in dit land een miljoen Armeniërs en 30.000 Koerden zijn vermoord'. Een klap in het gezicht van Turkije, vond Kerinçsiz en diende een klacht in.

Maar het verloop van het proces in Istanbul is, aldus de advocaat, een klap in het gezicht van de Turkse rechtsstaat. Het ministerie van Justitie stuurde de brief die een einde maakte aan de rechtsvervolging vrijdagavond in het diepste geheim naar de rechtbank. Die besloot onmiddellijk het dossier-Pamuk te sluiten. Het nieuws werd gisteren bekendgemaakt aan de pers, maar dan, zo zei Kerinçsiz, is de rechtbank dicht. 'Toen ik vanmorgen op de rechtbank kwam was er niets meer wat ik kon doen. Wat voor rechtsstaat is dit?'

De ultranationalistische advocaat is echter niet de enige verliezer in de kwestie-Pamuk: ook Turkije als land heeft enorm gezichtsverlies geleden. De afgelopen jaren voerde Turkije een serie wetswijzigingen door die de vrijheid van meningsuiting aanzienlijk verruimde. Maar bij de publieke opinie in de Europese Unie, waar Turkije zo graag lid van wil worden, bleef toch vooral het beeld hangen van half december, toen het proces tegen Pamuk begon in Istanbul. Bij de rechtbank probeerden woedende ultranationalistische betogers de schrijver aan te vallen. Leden van het Europese Parlement, die de zitting bijwoonden, werden uitgescholden, overal stond oproerpolitie. Is dit Turkije een land, zo vroegen veel Europeanen zich af, dat we bij de Europese Unie willen hebben?

Minister van Buitenlandse Zaken Abdullah Gül vergeleek onlangs de schade van artikel 301, dat belediging van de Turkse identiteit strafbaar stelt en op basis waarvan Pamuk werd vervolgd, met de film Midnight Express. Deze film, waarin een jonge Amerikaan verzeild raakt in een Turkse gevangenis en daar gruwelijke dingen meemaakt, heeft het imago van Turkije in de wereld, daar is iedereen het in dit land over eens, voor jaren bezoedeld. Ook de kwestie-Pamuk, vreest men hier, zal nog jaren tegen Turkije worden ingebracht.

Uitgesloten is niet dat nieuwe rechtszaken op basis van '301' volgen: ondanks diverse aankondigingen van de regering het te zullen wijzigen, is het nog steeds van kracht. Bij elk nieuw proces zullen Europeanen opnieuw vraagtekens zetten bij de vrijheid van meningsuiting in dit land.

En zelfs Pamuk, die op het eerste gezicht deze zaak gewonnen heeft, leed gezichtsverlies. In interviews met Turkse en buitenlandse media sloeg hij een verschillende toon aan. In Turkije onderstreepte hij zijn liefde voor het Turkse vaderland, buiten de grenzen presenteerde hij zich vooral als een slachtoffer van de beknotting van de vrijheid van meningsuiting in Turkije. Rechts Turkije was woedend over zijn uitspraken maar ook linkse Turken waren geïrriteerd. Pamuk zei immers in het gewraakte interview met de Zwitserse krant dat alleen hij over de gruwelen tegen Armeniërs en Koerden durfde te spreken. Linkse Turken die deze kwesties al veel eerder aankaartten, ervoeren dit als een klap in hun gezicht.

    • Bernard Bouwman