Is kernwapen inzetbaar tegen terrorisme?

President Chirac heeft afgelopen donderdag het gebruik van de Franse atoommacht in verband gebracht met terrorisme.

Hieronder een deel van Chiracs rede en reacties.

[...] De nucleaire afschrikking is, zoals ik na de aanslagen van 11 september 2001 heb benadrukt, niet bedoeld om fanatieke terroristen af te schrikken. Dat neemt niet weg dat zowel machthebbers die terroristische middelen tegen ons zouden inzetten, als zij die van zins zouden zijn om op een of andere wijze massavernietigingswapens tegen ons te gebruiken, moeten begrijpen dat zij van onze kant een krachtig en gepast antwoord kunnen verwachten. Dat antwoord kan van conventionele aard zijn; het kan ook van andere aard zijn.

Van het begin af aan is de afschrikking voortdurend aangepast aan onze omgeving en aan de analyse van de dreigingen waarop ik zo-even doelde. En dat evenzeer naar de geest als naar de middelen. Wij zijn in staat om alle mogelijke schade toe te brengen aan een grote mogendheid die belangen welke wij als vitaal beschouwen, op de korrel zou willen nemen. Tegen een regionale mogendheid behoeven wij niet te kiezen tussen dadeloosheid en vernietigend toeslaan. De flexibiliteit en het reactievermogen van onze strategische strijdkrachten zouden ons in staat stellen om ons rechtstreeks te richten op haar machtscentra, haar vermogen tot handelen. Al onze nucleaire strijdmiddelen zijn in die geest afgesteld. Met dat oogmerk is bijvoorbeeld op sommige raketten van onze onderzeeërs het aantal kernkoppen verminderd.

Aan onze opvattingen over de inzet van kernwapens is echter niets veranderd. Nooit zullen in de loop van een conflict nucleaire middelen voor militaire doeleinden worden gebruikt. In die geest zijn onze nucleaire strijdkrachten weleens 'wapens om niet te gebruiken' genoemd. Die formule mag echter geen twijfel laten bestaan aan onze wil en ons vermogen om onze kernwapens in te zetten. De geloofwaardige dreiging dat zij zullen worden gebruikt, drukt onophoudelijk op machthebbers die vijandige bedoelingen jegens ons koesteren. Zij is noodzakelijk om hen tot rede te brengen, om hen te doen beseffen hoe buitensporig hoog de prijs van hun daden zou zijn, voor henzelf en voor hun landen. Wij behouden ons trouwens vanzelfsprekend steeds het recht voor om met een laatste waarschuwing aan te geven dat wij vastbesloten zijn om onze vitale belangen te beschermen.