We gaan daar niet op avontuur'

Stabiliteit organiseren is een eerste voorwaarde voor wederopbouw in de Afghaanse provincie Uruzgan, vindt minister Van Ardenne. Dat vergt inzet van militairen.

Of we kiezen voor Afghanistan, of niet, meent minister Agnes van Ardenne (Ontwikkelingssamenwerking, CDA). De plannen om 1.200 militairen naar de Afghaanse provincie Uruzgan te sturen, maken duidelijk waar het kabinet staat: Wij kiezen voor Afghanistan.

We moeten het karwei afmaken, denkt zij: Deze missie is een logisch vervolg. Nederland heeft sinds 2001 in totaal 205 miljoen euro besteed aan de wederopbouw van Afghanistan. Als we in Uruzgan en de rest van Zuid-Afghanistan niet aansluiten bij wat er eerder in de rest van het land is gedaan, bestaat het risico dat heel Afghanistan weer terugvalt.

Is het in Uruzgan niet nog veel te onveilig om er met wederopbouw te beginnen?

Wederopbouw kan niet plaatsvinden zonder dat je eerst de stabiliteit organiseert. En dat kan niet met hulpverleners, daar heb je militairen voor nodig. We hebben daar in Noord-Afghanistan, waar in de provincie Baghlan de Nederlandse militairen het PRT (Provincial Reconstruction Team) bemannen, ervaring mee opgedaan. Ook daar hebben de militairen in de eerste fase van de wederopbouw de milities die voor de opbouw een gevaar vormden, ontwapend.

Maar gaat de vergelijking tussen Baghlan en Uruzgan wel op? Het is in het zuiden van Afghanistan immers veel gevaarlijker?

Maar daarom is ISAF ook een militaire operatie. De ISAF-formule is om van meet af aan stabiliteit te organiseren door wederopbouw van de veiligheidssector, van de rechtsstaat en van lokaal bestuur. De Dutch approach daarbij bestaat uit een combinatie van politieke dialoog, militaire ontwikkeling en opbouw. We gaan daar niet op avontuur, we weten wat we doen. Natuurlijk is dit geen makkelijke missie, maar we kunnen het aan. De Nederlandse militairen gaan er niet heen om te vechten, maar als de gewapende groeperingen ter plaatse vechten, dan vechten de Nederlanders terug.

Waarom moet Nederland zo nodig meedoen aan dit soort missies met een hoog militair profiel? Zouden onze soldaten niet net zo goed of beter goed werk kunnen doen door deelname aan vredesmissies in Soedan of elders in Afrika bijvoorbeeld?

Onze militairen kunnen optreden in het hele geweldsspectrum, van hoog tot laag. In de hele wereld is er behoefte aan een militaire tegenmacht: beter de Talibaan in Afghanistan bestrijden dan op het grondgebied van Nederland. We moeten allebei doen: wederopbouwmissies als in Afghanistan, en andere. Overigens heeft Nederland geen verzoek bereikt van de Verenigde Naties om troepen te leveren voor de Soedan of andere Afrikaanse landen. En zijn er inmiddels heel veel landen die een bataljon kunnen leveren voor dit soort missies. Het is beter dat Nederland specifieke deskundigheid levert aan operaties.

Niet zonder geestdrift spreekt Van Ardenne over wat er door Nederland en door de internationale gemeenschap tot nu toe is bereikt. Er was helemaal niets in 2001, niet in Kabul en niet in de rest van het land. Nu zijn delen van het land weer enigszins op orde. Het streven, zoals weer zal blijken op de Afghanistan-conferentie later deze maand in Londen, is erop gericht dat de Afghaanse staat zelf het gezag over de wederopbouw uitoefent, met medewerking van niet-militaire hulporganisaties. Nederland staat ook niet alleen daarin. De VN, de EU en tal van landen dragen hun steentje bij.

Nederland is bereid tot een langdurige betrokkenheid bij Afghanistan, ook financieel. Ook het Nederlandse bedrijfsleven wordt door Van Ardenne aangespoord in Afghanistan mee te werken - op 3 februari wordt daartoe een bijeenkomst met de werkgeversorganisatie VNO-NCW georganiseerd, in aanwezigheid van de Afghaanse handelsminister Arsala.

Bent u hoopvol over de goede afloop van de missie in Uruzgan?

Ja, omdat we elders in Afghanistan ook zijn geslaagd. Het is een woest land, met een woest volk. Maar je kunt het Zuiden niet laten liggen.

    • Raymond van den Boogaard